De Autoriteit online Terroristisch en Kinderpornografisch Materiaal (ATKM) heeft sinds september 2023 330 keer opdracht gegeven om terroristische inhoud van internet te verwijderen. Internetbedrijven volgden vrijwel alle bevelen binnen de wettelijke termijn op, blijkt uit een onderzoek in opdracht van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum (WODC).
De autoriteit kan platforms verplichten om materiaal offline te halen dat bijvoorbeeld aanzet tot een aanslag of instructies bevat voor het maken van bommen. Bedrijven krijgen daarvoor maximaal één uur de tijd. Wie een bevel niet uitvoert, kan een boete krijgen.
Wet werkt volgens onderzoekers
De onderzoekers concluderen dat de wet op dit punt goed functioneert. Ook internetbedrijven staan over het algemeen positief tegenover de werkwijze. Wel wijzen zij op uitdagingen bij het verwijderen van inhoud binnen de termijn van één uur, vooral wanneer een platform snel moet beoordelen of materiaal onder de wet valt.
Hoe effectief de aanpak in de praktijk is, blijft moeilijk vast te stellen. Het is niet bekend hoeveel terroristische inhoud in totaal online wordt verspreid. Daarnaast valt een deel van de onlineactiviteiten buiten het bereik van de wet, omdat die plaatsvinden in besloten of versleutelde omgevingen.
Toch achten de onderzoekers het aannemelijk dat de wet terroristische uitingen minder zichtbaar maakt. De verwijderbevelen richten zich op inhoud die voor een breed publiek toegankelijk is en daardoor snel verspreid kan worden.
Mogelijke uitbreiding bevoegdheden
In het onderzoek wordt ook gekeken naar extremistische inhoud die niet juridisch als terroristisch wordt aangemerkt. De onderzoekers noemen dit zogenoemde borderlinecontent. Het gaat om materiaal dat wel extremistisch van aard kan zijn, maar niet voldoet aan de wettelijke voorwaarden voor een bevel van de ATKM.
Daarom adviseren zij om na te denken over een uitbreiding van de bevoegdheden van de autoriteit. Een dergelijke uitbreiding zou het mogelijk kunnen maken om tegen een bredere groep online uitingen op te treden. Het onderzoek doet geen uitspraak over een concreet wetsvoorstel of de manier waarop zo'n uitbreiding zou moeten worden uitgevoerd.


