Defensieminister Dilan Yesilgöz noemt Rusland voortaan „de vijand”. Ze vindt die omschrijving nodig vanwege het toenemende aantal sabotagepraktijken, drone-aanvallen en andere incidenten en dreigingen in Europa.
Yesilgöz deed haar uitspraak tijdens het debat over de defensiebegroting in de Tweede Kamer. In een toelichting na afloop benadrukte ze dat de nieuwe formulering niet betekent dat Nederland zijn beleid plotseling wijzigt. Het kabinet investeert al sinds de Russische invasie van Oekraïne meer in veiligheid, verhoogt de waakzaamheid en werkt nauwer samen met Europese landen.
„Het is heel duidelijk dat Rusland zich als de vijand presenteert. Dat wil nog niet zeggen dat wij in oorlog zijn of ineens een heel andere aanpak gaan hebben”, zei Yesilgöz. Volgens de minister is er wel sprake van een nieuwe werkelijkheid. Rusland was al de grootste dreiging op het Europese continent, maar die dreiging is volgens haar verder toegenomen.
Meer incidenten in Europa
Yesilgöz wijst op aanvallen vlak over de grenzen van Europese landen, intimidatie en kleinere acties die volgens haar bedoeld zijn om de weerbaarheid van het bondgenootschap te testen. „Poetin is aan het testen hoe sterk ons bondgenootschap is”, zei ze. Deskundigen hebben haar geadviseerd dreigingen duidelijk te benoemen. „Dat is wat ik doe”, aldus de minister.
Nederland stemt volgens Yesilgöz steeds intensiever met andere Europese landen af over mogelijke reacties. In de kern verandert de aanpak echter niet. „We waren al niet naïef en dat worden we niet”, zei ze.
De Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst waarschuwde eerder dat het dreigingsbeeld in tachtig jaar niet zo ernstig is geweest als nu. Ook de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst meldde dat de legers van Rusland en China sterker worden en hun samenwerking uitbreiden.
De Tweede Kamer en de minister bespreken de geplande miljardeninvesteringen in defensie. Die investeringen moeten bijdragen aan de versterking van de Nederlandse en Europese veiligheid.



