De werkloosheid in Nederland is in juli opgelopen naar 4 procent van de beroepsbevolking. Een maand eerder was dat nog 3,8 procent. In totaal waren 404.000 mensen werkloos, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).
De stijging was sterker onder mannen dan onder vrouwen. Vooral mannen jonger dan 45 jaar werden vaker werkloos. Onder vrouwen daalde het werkloosheidspercentage juist licht, van 4 naar 3,9 procent.
In de afgelopen drie maanden kwamen er gemiddeld 2.000 werklozen per maand bij. Tegelijkertijd nam het aantal mensen met betaald werk gemiddeld met 11.000 per maand af. Onder jongeren ligt de werkloosheid relatief hoog, zowel bij mannen als vrouwen. Het gaat daarbij vooral om scholieren en studenten.
Minder mensen op de arbeidsmarkt
Naast de werklozen zijn er 3,2 miljoen mensen die niet recent naar werk hebben gezocht of niet direct beschikbaar zijn voor een baan. Zij worden niet gerekend tot de beroepsbevolking. Het gaat onder meer om gepensioneerden en mensen die door ziekte of arbeidsongeschiktheid niet kunnen werken.
De beroepsbevolking nam in de afgelopen drie maanden gemiddeld met 9.000 mensen per maand toe. Dat betekent dat meer mensen beschikbaar waren voor werk of actief naar een baan zochten, terwijl het aantal werkenden in dezelfde periode afnam.
Ook het aantal WW-uitkeringen steeg. Het UWV registreerde eind juli 199.700 uitkeringen, 1,4 procent meer dan een maand eerder. In juli kwamen 30.400 uitkeringen erbij en werden er 27.700 beëindigd.
De grootste toename van het aantal WW-uitkeringen was in Twente, de Achterhoek en Gorinchem. In Zuid-Holland, Flevoland en Zuid-Holland Centraal nam het aantal uitkeringen juist het sterkst af.



