Het volle stroomnet remt de groei en verduurzaming van bedrijven in Noord-Nederland. Ondernemingen staan onderaan de landelijke rangorde voor nieuwe of zwaardere aansluitingen, waardoor investeringen moeilijk te plannen zijn en uitbreidingsplannen vertraging oplopen.
De Groningse mosterdfabrikant Marne Mosterd wachtte vier jaar op een zwaardere aansluiting. Het bedrijf wilde de productie verduurzamen en had daarvoor al een klant gevonden. Ook lagen zonnepanelen op het dak, maar de klant koos uiteindelijk voor een concurrent omdat die niet vijf jaar wilde wachten.
“Het zette ons op achterstand”, zegt directeur Paul de Vries van Marne Mosterd. “Die klant wilde wel meewerken, maar had geen vijf jaar geduld.”
Bedrijven onderaan de rangorde
De vraag naar elektriciteit stijgt snel. Bedrijven elektrificeren hun productie, terwijl huishoudens overstappen op warmtepompen en elektrische auto’s. Ook nieuwbouwprojecten hebben extra capaciteit nodig.
Om de schaarse ruimte op het net te verdelen, is een landelijk prioriteringskader opgesteld. Producenten van elektriciteit en batterijparken die capaciteit kunnen vrijmaken krijgen voorrang. Daarna volgen vitale voorzieningen, zoals ziekenhuizen en defensieprojecten. Woningbouw komt vervolgens aan de beurt, terwijl bedrijven die willen groeien of verduurzamen onderaan staan.
Werkgeversorganisatie VNO-NCW MKB Noord waarschuwt dat ondernemingen hierdoor buiten beeld raken. “Dit raakt het bestaansrecht van bedrijven”, zegt directeur Anna Noorda. Volgens haar kunnen bedrijven zonder duidelijkheid over een aansluiting geen investeringen plannen. Dat is volgens haar vooral problematisch voor het midden- en kleinbedrijf, dat belangrijk is voor werkgelegenheid in de noordelijke provincies.
Ook de bouw ondervindt gevolgen. In de stad Groningen staan plannen voor ongeveer 4.500 woningen onder druk doordat geen ruimte op het elektriciteitsnet beschikbaar is.
Uitbreiding kost tijd
Enexis investeert miljarden in uitbreiding van het net, maar dat lost de problemen op korte termijn niet op. Voor nieuwe transformatorstations zijn geschikte locaties, vergunningen en ruimtelijke procedures nodig. “Procedures en ruimtelijke inpassing kosten soms jaren”, zegt Daphne Verreth, directeur Energiesysteem & Omgeving bij Enexis. Haar verwachting is duidelijk: “De wachtlijsten zullen nog jaren blijven bestaan.”
Volgens Verreth moeten bedrijven en huishoudens de bestaande capaciteit daarom slimmer gebruiken. Zo kan een flexibele aansluiting bedrijven meer stroom geven wanneer het net ruimte heeft en het verbruik beperken tijdens piekbelasting. Ook het delen van aansluitingen kan helpen, al wordt daarvoor nog aan nieuwe regels gewerkt.
Energiecoöperaties zien eveneens mogelijkheden. Zonnedorpen in Groningen wil zonneparken en batterijopslag van inwoners combineren met de vraag van lokale bedrijven. Daarmee kan capaciteit worden vrijgemaakt, zegt directeur Willem Schaap, al maken ingewikkelde regels bedrijven terughoudend.



