NVWA hoeft geen strengere meetmethode voor sigaretten te gebruiken

De NVWA hoeft filtersigaretten niet met een alternatieve meetmethode te testen. Dat heeft het College van Beroep voor het bedrijfsleven definitief bepaald in de zaak die Stichting Rookpreventie Jeugd aanspande.

Roker loopt met een brandende sigaret langs een kantoorgebouw
Roker loopt met een brandende sigaret langs een kantoorgebouw · Beeld: Netgebeurd (AI-illustratie)

De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) mag de wettelijk voorgeschreven meetmethode blijven gebruiken om de uitstoot van filtersigaretten te bepalen. Het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) heeft een verzoek van Stichting Rookpreventie Jeugd definitief afgewezen.

De stichting vroeg de NVWA in 2018 om sigaretten op een andere manier te onderzoeken. Bij de gebruikelijke laboratoriummetingen blijven de ventilatiegaatjes in een filter volgens de stichting open. In werkelijkheid kunnen de vingers en lippen van een roker die gaatjes deels afsluiten.

Daardoor zouden rokers meer teer, nicotine en koolmonoxide binnenkrijgen dan uit de officiële metingen blijkt. Onderzoek van het RIVM wees uit dat de blootstelling aan deze stoffen tot meer dan vijftien keer hoger kan zijn.

Juridische beoordeling

Het CBb baseert de uitspraak op een eerder arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie. Daaruit volgt dat de stichting zich in deze procedure niet kan beroepen op een alternatieve meetmethode. De NVWA hoeft daarom geen aanvullende controles uit te voeren volgens de door de stichting voorgestelde methode.

De uitspraak gaat daarmee niet inhoudelijk in op de vraag hoeveel schadelijke stoffen rokers in de praktijk binnenkrijgen. De juridische vraag welke meetmethode de overheid moet gebruiken, was bepalend voor de uitkomst.

De Vereniging Nederlandse Sigaretten- en Kerftabakfabrikanten zegt dat de uitspraak bevestigt dat de zogenoemde sjoemelsigaret niet bestaat. "Het CBb heeft klip en klaar aangegeven dat er maar één meetmethode verplicht is voorgeschreven in de wet en dat is de methode die de industrie hanteert", aldus de brancheorganisatie.

Wanda de Kanter, voorzitter van Stichting Rookpreventie Jeugd, noemt de uitspraak "niet onverwacht, toch teleurstellend". Volgens haar is de zaak uiteindelijk vastgelopen op een juridisch detail. "De inhoudelijke beoordeling van onze vraag is achterwege gebleven", zegt ze.

De Kanter waarschuwt dat tabaksfabrikanten hierdoor kunnen doorgaan met wat zij "sjoemelpraktijken" noemt. Volgens haar maken die filtersigaretten verslavender en schadelijker dan de Europese regelgeving toestaat.

Lees ook