De gedeeltelijke afsluiting van de Suurhoffbrug op de A15 leidt dagelijks tot minstens 600.000 euro aan extra kosten voor de transportsector. Dat blijkt uit een peiling van Transport en Logistiek Nederland (TLN) en Deltalinqs, de ondernemersvereniging van bedrijven in de Rotterdamse haven.
De brug richting de Maasvlakte werd vorige week gedeeltelijk afgesloten nadat bij een inspectie scheuren waren ontdekt in een van de hoofdliggers. Het verkeer rijdt de komende weken over de vluchtstroken. De maatregel is genomen om veiligheidsredenen.
Vertraging voor duizenden voertuigen
Over de brug reden dagelijks ongeveer 36.500 voertuigen, waaronder 15.500 vrachtwagens. Driekwart van de ondervraagde leden van TLN en Deltalinqs meldt dat medewerkers gemiddeld 15 tot 60 minuten langer onderweg zijn.
Bij een gemiddelde vertraging van een half uur komen de extra kosten volgens de sector uit op ongeveer 600.000 euro per dag. Die kosten ontstaan door verloren reistijd, een lager aantal ritten en een hoger brandstofverbruik doordat vrachtwagens moeten omrijden.
De gevolgen blijven niet beperkt tot transportbedrijven en de haven. Ook terminals, distributiecentra en fabrieken kunnen hinder ondervinden wanneer goederen later aankomen of minder vaak worden vervoerd.
"Hoe langer de verstoring duurt, hoe sneller deze schade verder oploopt", zegt Elisabeth Post, voorzitter van TLN. Volgens haar kan de schade verder toenemen als later de volledige oude brug wordt verwijderd en de beschikbare capaciteit nog kleiner wordt.
De Suurhoffbrug wordt de komende jaren vervangen. Deltalinqs-voorzitter Jacco Vonhof roept het kabinet op om meer geld uit te trekken voor de bereikbaarheid van de Rotterdamse haven. "Deze situatie rond de Suurhoffbrug legt een kwetsbaarheid bloot die vraagt om meer dan tijdelijke noodmaatregelen. Er zijn forse investeringen nodig in de bereikbaarheid van de Rotterdamse haven."
Het kabinet wil tot en met 2040 5,1 miljard euro extra beschikbaar stellen voor het Mobiliteitsfonds. Daarvan is 1,5 miljard euro bestemd voor onderhoud aan infrastructuur. Het bedrag voor regionale bereikbaarheid loopt structureel op tot 300 miljoen euro per jaar.
Minister Karremans zegt dat de problemen bij de brug laten zien dat extra investeringen in onderhoud en vernieuwing nodig zijn. Het kabinet onderzoekt daarom of geld voor nieuwe infrastructuur kan worden verschoven naar het opknappen van bestaande wegen, spoorlijnen en waterwegen. In de Miljoenennota staat dat ondanks de extra middelen nog tekorten van tientallen miljarden euro's worden verwacht.



