Een hoge leider van de Sudanese paramilitaire Rapid Support Forces (RSF) heeft eind 2024 onder een valse naam deelgenomen aan een vredesconferentie in Den Haag. Algoney Dagalo zat als panellid bij de bijeenkomst in een gebouw van de Erasmus Universiteit. Pas tijdens de conferentie ontdekten organisatoren wie hij was.
Dagalo is de jongere broer van RSF-leider Mohamed Hamdan Dagalo, beter bekend als Hemedti. Hij geldt zelf als een belangrijke speler binnen de paramilitaire organisatie en houdt zich onder meer bezig met de aankoop van wapens.
Tijdens de bijeenkomst gebruikte hij de naam Ahmed Musa. Beelden van zijn optreden verschenen later in een TikTok-video die honderdduizenden keren werd bekeken. Ook werd een foto van zijn bezoek geplaatst boven een lovend artikel over zijn komst naar Nederland.
Organisatie betuigt spijt
The Hague Peace Projects zegt dat Dagalo zijn identiteit heeft verborgen. De stichting ontdekte achteraf dat hij op dat moment op een Amerikaanse sanctielijst stond. Die sancties waren opgelegd vanwege zijn rol bij de aanschaf van wapens die volgens de Verenigde Staten werden gebruikt bij misdaden tegen burgers.
De stichting zegt dat Dagalo al in Europa was en via Genève naar Nederland kwam. Daardoor hoefde hij geen Nederlands visum aan te vragen. De valse naam was doorgegeven door de Haagse stichting Phanaar, die niet bereikbaar was voor commentaar.
Anette Hoffmann van het Clingendael Instituut noemt de aanwezigheid van Dagalo een grote fout. "Het is dan eigenlijk een soort propagandaplatform bieden. Dat is enorm problematisch", zegt zij.
Ruard Ganzevoort, rector van het International Institute of Social Studies van de Erasmus Universiteit, zegt dat medewerkers zich misbruikt voelen. "Deze persoon was niet welkom geweest in ons gebouw als we het hadden geweten", schreef hij in een verklaring die binnen de Sudanese gemeenschap werd gedeeld.
Geen arrestatie tijdens bezoek
Het ministerie van Buitenlandse Zaken wist op de dag van de conferentie dat Dagalo in Nederland was. De informatie werd niet gedeeld met de politie of het ministerie van Justitie en Veiligheid.
Volgens Buitenlandse Zaken had Dagalo een drie jaar geldig meervoudig inreisvisum en mocht hij zich binnen het Schengengebied vrij verplaatsen. Er was geen arrestatiebevel of inreisverbod, waardoor het ministerie naar eigen zeggen geen reden zag om andere autoriteiten in te schakelen.
De RSF strijdt al ruim drie jaar tegen het Sudanese regeringsleger. Beide partijen worden beschuldigd van oorlogsmisdaden. Het geweld van de RSF vertoont volgens de Verenigde Naties ook kenmerken van genocide.
Dagalo staat inmiddels op een Europese sanctielijst. Daardoor geldt nu wel een inreisverbod voor hem.



