Voorstel van Piri
Het voorstel was ingediend door PRO-Kamerlid Kati Piri. Zij had het dagelijks bestuur van de Tweede Kamer eerder gevraagd om de regenboogvlag op te hangen. Het presidium, het dagelijks bestuur van de Kamer, ging daar niet mee akkoord.
Piri bracht het onderwerp vervolgens in tijdens een debat over buitenlandse zaken. "Het is internationale Coming Out Day. Dus het is een internationaal iets", zei zij tijdens het debat.
Kamerleden van onder meer de SGP, ChristenUnie en PVV vonden het niet passend om het voorstel tijdens dat debat aan de orde te stellen. Een meerderheid van de Kamer steunde die werkwijze wel, waardoor het voorstel verder kon worden behandeld.
SGP-Kamerlid Diederik van Dijk vroeg daarna om een hoofdelijke stemming. Daarbij wordt ieder Kamerlid afzonderlijk gevraagd om voor of tegen het voorstel te stemmen. Zo wordt niet alleen de uitslag bekend, maar ook hoe individuele Kamerleden hebben gestemd.
De stemming stond donderdagavond om 23.00 uur gepland. Veel Kamerleden waren op dat moment al naar huis gegaan en moesten terugkeren naar Den Haag om hun stem uit te brengen.
De regenboogvlag leidde eerder ook elders tot politieke discussie. In de Gelderse gemeente Oldebroek besloot de gemeenteraad deze zomer als eerste gemeente het beleid om de pridevlag op te hangen niet langer uit te voeren. Dat besluit leidde daar tot protesten en publieke discussie.
De stemming ging specifiek over het hijsen van de vlag aan het Kamergebouw tijdens Coming Out Day. In het beschikbare bronmateriaal staat geen uitslag van de stemming.



