Nederland en Frankrijk hebben in Parijs voor het eerst overleg gevoerd over samenwerking op het gebied van kernwapens. De delegaties bespraken manieren om de Europese nucleaire en conventionele afschrikking te versterken. Ook de bredere veiligheidsrelatie tussen beide landen kwam aan de orde.
Het overleg volgt op een initiatief van de Franse president Emmanuel Macron. Hij kondigde in maart aan dat Frankrijk met meerdere Europese NAVO-landen wilde praten over nucleaire afschrikking. Naast Nederland doen het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, Polen, België, Griekenland, Zweden en Denemarken mee aan dat overleg.
Meer Europese verantwoordelijkheid
Minister van Defensie Yesilgöz noemt de bijeenkomst een belangrijke stap. "Op deze manier nemen we de verantwoordelijkheid voor onze eigen veiligheid", schrijft ze op sociale media.
De gesprekken kunnen op termijn leiden tot de stationering van Franse kernwapens in andere Europese landen. Een vergelijkbare regeling bestaat al met Amerikaanse kernwapens. Die liggen onder meer op de Nederlandse vliegbasis Volkel.
Europese NAVO-landen willen hun afhankelijkheid van de Verenigde Staten op defensiegebied verkleinen. Minister van Buitenlandse Zaken Berendsen benadrukt dat de Amerikaanse nucleaire paraplu volgens hem de basis van de veiligheid blijft. Tegelijkertijd vindt hij dat Europese landen meer verantwoordelijkheid moeten nemen voor hun eigen verdediging.
Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk zijn de enige twee landen binnen het samenwerkingsverband die zelf over kernwapens beschikken. Frankrijk breidt zijn nucleaire arsenaal uit, terwijl het Verenigd Koninkrijk een kleiner aantal kernkoppen heeft.
Frankrijk beschikt over vier nucleaire onderzeeërs. Eén daarvan vaart voortdurend op patrouille, zodat het land indien nodig een vergeldingsaanval kan uitvoeren. De Franse president heeft als enige de bevoegdheid om opdracht te geven voor een kernaanval.
De onderzeeërs kunnen elk zestien ballistische raketten meenemen. Op iedere raket zitten zes tot tien kernkoppen, met een bereik van meer dan 6000 kilometer. De Franse nucleaire doctrine gaat uit van het non-proliferatieverdrag, waarin staat dat Frankrijk niet als eerste kernwapens zal inzetten.



