De Eerste Kamer behandelt het huidige voorstel voor de belasting op vermogen voorlopig niet verder. Een meerderheid van de senatoren wil eerst met het kabinet spreken over de verschillende mogelijkheden voor de toekomst van box 3.
Het kabinet vroeg op Prinsjesdag om het wetsvoorstel tijdelijk aan te houden. Het plan ligt al bij de Eerste Kamer, maar binnen de coalitie bestaat geen overeenstemming over de aanpassingen. De senatoren vinden de brief met mogelijke scenario's onvoldoende duidelijk, omdat het kabinet daarin geen keuze maakt.
Twee manieren om vermogen te belasten
De nieuwe belasting moet aansluiten bij een uitspraak van de rechter. Daarin staat dat belasting moet worden geheven over het werkelijke rendement op sparen en beleggen. Dat kan door jaarlijks belasting te rekenen over de waardestijging van vermogen, ook wanneer die winst nog niet is gerealiseerd. Een andere mogelijkheid is belastingheffing op het moment dat iemand vermogen verkoopt.
Het voorstel dat nu bij de Eerste Kamer ligt, combineert beide systemen en zou in 2028 ingaan. Zowel het kabinet als een meerderheid in de Tweede Kamer ziet het plan echter niet zitten. De voorkeur gaat uit naar een vermogenswinstbelasting, waarbij belasting vooral bij verkoop wordt geheven.
Die overstap leidt in de eerste jaren tot aanzienlijk minder inkomsten voor de overheid. Het verschil kan oplopen tot ongeveer 20 miljard euro. D66 en CDA willen dat vermogenden een groter deel van die rekening betalen. De partijen vrezen daarnaast dat oppositiepartij PRO tegen het plan zal stemmen.
De VVD staat wel open voor steun van rechtse oppositiepartijen. JA21 en BBB zijn voorstander van een vermogenswinstbelasting, maar willen de financiële gevolgen niet volledig bij vermogenden leggen. SGP en 50PLUS hebben, net als JA21 en BBB, kritiek op het uitblijven van een duidelijke keuze.
Kabinet wil voor kerst besluit nemen
De Eerste Kamer hoopt volgende week meer duidelijkheid te krijgen. Dan debatteert de Tweede Kamer twee dagen over de financiële plannen. Daarna willen de senatoren bepalen wat er met het huidige wetsvoorstel moet gebeuren.
Het kabinet wil uiterlijk voor Kerstmis een besluit nemen over de toekomst van box 3. Uitstel heeft financiële gevolgen: ieder jaar vertraging kost de schatkist ruim 3 miljard euro.
Het kabinet heeft vier mogelijkheden uitgewerkt. Het huidige voorstel kan beperkt worden aangepast en in 2028 ingaan, met kosten tot en met 2035 van 5,7 miljard euro. Andere opties zijn een overgang naar een volledige vermogenswinstbelasting in 2030 voor 12,9 miljard euro, het schrappen van het huidige voorstel voor 19,7 miljard euro, of uitbreiding van het voorstel waarbij voor 90 procent van de gevallen vermogenswinstbelasting geldt, voor 15,6 miljard euro.



