De Belgische premier Bart De Wever gaat maandag naar koning Filip om het ontslag van zijn regering aan te bieden. De audiëntie staat gepland voor 9.30 uur. De coalitiepartijen kwamen tijdens een nachtelijk overleg over de begroting niet tot overeenstemming.
De regering moet ongeveer 10 miljard euro besparen om binnen de Europese begrotingsregels te blijven. België had vorig jaar een begrotingstekort van 5 procent. Volgens de Europese norm mag dat hooguit 3 procent zijn.
Ook de staatsschuld vormt een belangrijk probleem. Die bedraagt ruim 735 miljard euro, meer dan 110 procent van het Belgische bruto binnenlands product. Europese regels schrijven een maximum van 60 procent voor.
Door het uitblijven van een begrotingsakkoord is de rente op Belgische staatsleningen gestegen. Daardoor lopen ook de kosten op die de Belgische staat maakt om zijn schulden te financieren.
Besluit ligt bij de koning
Koning Filip heeft meerdere mogelijkheden nadat De Wever zijn ontslag heeft aangeboden. Hij kan het ontslag aanvaarden, weigeren of de beslissing voorlopig in beraad houden.
Als de koning het ontslag accepteert, volgen nieuwe verkiezingen. Tot die tijd kan de regering mogelijk demissionair aanblijven, afhankelijk van de beslissing van de koning en de verdere politieke ontwikkelingen.
De Wever is partijleider van de Nieuw-Vlaamse Alliantie, de N-VA. Zijn regering bestaat uit meerdere partijen. Het begrotingsoverleg tussen de premier en zijn kernkabinet liep tot diep in de nacht door, maar een compromis over de noodzakelijke besparingen bleef uit.
De politieke crisis komt op een moment waarop België al onder druk staat om zijn overheidsfinanciën te verbeteren. Naast het hoge tekort en de omvangrijke schuld moet het land rekening houden met hogere rentelasten. Een akkoord over de begroting was nodig om de uitgaven binnen de Europese afspraken te brengen.



