De Algemene Politieke Beschouwingen beginnen woensdag in een politiek onzekere situatie. Het minderheidskabinet van D66, VVD en CDA presenteerde dinsdag op Prinsjesdag zijn eerste begroting, maar heeft nog geen vaste meerderheid in de Tweede en Eerste Kamer. Zowel linkse als rechtse oppositiepartijen vinden dat het kabinet onvoldoende duidelijke keuzes maakt.
Het kabinet zegt te blijven streven naar brede steun voor de plannen. Tijdens de debatten op woensdag en donderdag moet blijken of die steun binnen bereik komt en of coalitie en oppositie hun standpunten kunnen verenigen. De gesprekken die de afgelopen weken met oppositiepartijen zijn gevoerd, hebben geleid tot enkele aanpassingen in de Miljoenennota.
Aanpassingen overtuigen oppositie nog niet
Zo zijn de voorgenomen bezuinigingen op de sociale zekerheid afgezwakt. Ook komt er extra geld voor hospices en voor gordelroosvaccinaties. Die wijzigingen zijn bedoeld om onder meer Pro, de ChristenUnie en 50Plus tegemoet te komen.
De oppositie vindt de aanpassingen voorlopig onvoldoende. Pro-leider Jesse Klaver blijft eisen dat de bezuinigingen op de sociale zekerheid volledig verdwijnen. Die eis wordt ook gesteund door de vakbonden. Klaver voert woensdag als leider van de grootste oppositiepartij het eerste debat, waarna D66-fractievoorzitter Jan Paternotte namens de coalitie aan het woord komt.
Naast de verhouding met de oppositie staat ook de eensgezindheid binnen de coalitie centraal. D66, VVD en CDA hadden tijdens de begrotingsonderhandelingen grote moeite om overeenstemming te bereiken over de politieke koers. Dat bleek onder meer bij de discussie over de vermogensbelasting in box 3.
Minister van Financiën Eelco Heinen van de VVD wilde daarvoor 11 miljard euro reserveren. Een deel van dat bedrag zou worden betaald door arbeid zwaarder te belasten. D66 en CDA bestempelden die eerdere begrotingsvariant als „kneiter-rechts”, waarna de coalitie verder moest onderhandelen.
SGP-leider Chris Stoffer zei dinsdag dat de komende tijd moet uitwijzen of D66, VVD en CDA „linksom of rechtsom willen”. Zijn opmerking onderstreept de bredere onzekerheid over de koers van het kabinet. De uitkomst van de debatten kan bepalend zijn voor de verdere behandeling van de begroting in beide Kamers.


