Ongeveer de helft van de onderzochte speeltoestellen voor jonge kinderen in Arnhem, Doetinchem, Ede en Tiel staat op zomerse middagen volledig in de zon. Slechts een kwart van de toestellen ligt tussen 11.00 en 15.00 uur, wanneer de zon het krachtigst is, helemaal in de schaduw van bomen.
De uitkomsten zijn gebaseerd op gegevens van bijna 4.000 speeltoestellen en een landelijke dataset met de hoogte en omvang van boomkronen. Daarmee is berekend hoeveel uur afzonderlijke toestellen in de zomer schaduw krijgen.
GGD Gelderland-Midden wijst erop dat kinderen bij temperaturen boven 25 graden niet langdurig in de volle zon zouden moeten spelen en voldoende moeten drinken. Kinderen kunnen sneller oververhit raken, uitdrogen en verbranden. Ook op minder warme dagen kan de zonkracht van april tot en met september hoog zijn.
Een onbeschermde huid kan vanaf zonkracht 3 schade oplopen. De GGD adviseert kinderen te beschermen door de zon te vermijden, bedekkende kleding te dragen en zonnebrandcrème te gebruiken. Verbranding op jonge leeftijd vergroot de kans op huidkanker op latere leeftijd.
Veiligheid en groeiruimte
Stedenbouwkundige Nanda Sluijsmans zegt dat schaduw nodig is om speelplekken ook tijdens warme periodes bruikbaar te houden. Speeltuinen zijn volgens haar belangrijk voor beweging, contact tussen kinderen en ontmoetingen tussen ouders. "Maar als het in de zomer te heet is, dan wil je daar gewoon niet zijn."
Bomen kunnen niet altijd dicht bij een toestel worden geplant. Door veiligheidseisen moeten rond speeltoestellen valzones vrij blijven van obstakels. Ook bieden ondergronden zoals zand, snippers en vaste vloeren niet altijd voldoende ruimte voor wortels en een gezonde bodem.
De gemeente Ede noemt die beperkingen als verklaring voor speelplekken die volledig in de zon liggen. Tiel zegt dat de aanwezigheid van bomen vroeger geen vast criterium was bij de aanleg van speelplekken, maar dat hittestress inmiddels een belangrijker aandachtspunt is geworden.
Opvallend is dat wijken met relatief veel inwoners van 0 tot 15 jaar vaak minder schaduwrijke speelplekken hebben. Het gaat vooral om nieuwbouwwijken, waar bomen nog klein zijn. Sluijsmans pleit ervoor bij de inrichting van zulke wijken meer bomen te planten, zodat sneller schaduw ontstaat.
Gemeenten werken aan maatregelen tegen hitte, droogte en extreme neerslag. Daarbij gebruiken veel gemeenten de 3-30-300-regel: zicht op drie grote bomen, minimaal 30 procent boomkroondekking per wijk en een toegankelijke groene plek binnen 300 meter van huis.


