Rentes op staatsleningen lopen wereldwijd verder op

De rente op staatsleningen stijgt in de Verenigde Staten en Europese landen. Vooral Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk en de VS baren financiële markten zorgen, al verwachten economen niet direct een nieuwe crisis.

Grafiek toont de ontwikkeling van rentes op langlopende staatsleningen wereldwijd
Grafiek toont de ontwikkeling van rentes op langlopende staatsleningen wereldwijd · Beeld: Netgebeurd (AI-illustratie)

De rente op staatsleningen loopt in steeds meer landen op. Dat geldt onder meer voor de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Duitsland en Nederland. Vooral de rentes in Frankrijk en het VK naderen niveaus die sinds de aanloop naar de kredietcrisis niet meer zijn gezien.

De stijging versnelde deze week. Volgens econoom Stefan Koopman van Rabobank laaide het militaire conflict tussen de VS en Iran opnieuw op, waarna de olieprijs boven de 95 dollar uitkwam. Beleggers vrezen daardoor opnieuw voor hogere inflatie. Die verwachting zorgt doorgaans voor hogere rentes op staatsleningen.

Zorgen over Amerikaanse schuld

De grootste zorgen leven op dit moment over de Verenigde Staten. De Amerikaanse staatsschuld is opgelopen tot 40 biljoen dollar, omgerekend 40.000 miljard dollar. Beleggers vragen zich af of de Amerikaanse overheid haar schulden op lange termijn beheersbaar kan houden, terwijl de regering van president Trump de uitgaven blijft verhogen.

De Amerikaanse economie groeit nog altijd redelijk en de werkloosheid is relatief laag. Toch stijgt de rente op tienjarige Amerikaanse staatsobligaties richting 5 procent. Dat niveau werd sinds 2007, vlak voor het uitbreken van de kredietcrisis, niet meer bereikt.

Een hogere Amerikaanse rente werkt door in Europa. De VS is de grootste markt voor staatsobligaties. Als daar onrust ontstaat, verslechtert volgens Koopman ook het sentiment rond Europese staatsleningen.

Frankrijk geldt daarbij als het grootste zorgenkind. Het land probeert de staatsschuld te verlagen, maar de hogere rentelasten maken dat volgens Nick Kounis, hoofdeconoom bij ABN Amro, moeilijk. Ook politieke onzekerheid speelt een rol. President Macron heeft geen meerderheid meer in het Franse parlement en volgend jaar zijn er verkiezingen.

Hogere druk op Europese begrotingen

Ook het Verenigd Koninkrijk staat onder druk. Premier Burnham moet eind volgende maand een nieuwe begroting indienen en wil daarin grote investeringen aankondigen. Tegelijkertijd zou de regering juist moeten bezuinigen, waardoor de financiering van die plannen onzeker is.

De hogere rentes verspreiden zich steeds meer naar andere Europese landen. Financiële markten reageren volgens Koopman gevoeliger op slecht nieuws en maken minder onderscheid tussen afzonderlijke landen. Daardoor kunnen problemen met begrotingen en inflatie in het ene land de rente in andere landen opdrijven.

Ook het beleid van centrale banken speelt mee. De Europese Centrale Bank is gestopt met het opkopen van staatsleningen, waardoor een grote koper op de markt is weggevallen. Daarnaast wordt volgende week een renteverhoging verwacht om de inflatie te bestrijden.

De situatie verschilt wel van die in 2008. Toen zat de meeste schuld bij bedrijven en huishoudens, terwijl overheden er financieel beter voor stonden. Nu hebben juist overheden grote schulden en komen hogere rentelasten direct terecht in hun begrotingen.

De economen verwachten desondanks niet meteen een nieuwe crisis. De wereldeconomie presteert beter dan verwacht na zes maanden oorlog in het Midden-Oosten. Tegelijkertijd kan de druk van financiële markten regeringen ertoe bewegen moeilijke bezuinigingen en andere impopulaire maatregelen alsnog door te voeren.

Lees ook