De Europese gasopslaglocaties worden momenteel te langzaam gevuld. Op 29 augustus waren de gezamenlijke gasbergingen van de EU-landen voor ongeveer 64 procent gevuld. Daarmee dreigt Europa de winter in te gaan met de kleinste gasvoorraad in dertien jaar.
Het doel voor de opslag aan het begin van de winter is dit jaar verlaagd naar 80 procent. Die aanpassing houdt verband met de onrust in het Midden-Oosten. Bij het huidige vultempo lijkt zelfs dat lagere doel voor meerdere landen buiten bereik te blijven.
Lager dan gebruikelijk
Als de gasopslagen in hetzelfde tempo verder worden gevuld, ligt de voorraad voor de winter naar verwachting ongeveer 20 procent onder het gemiddelde van de afgelopen vijf jaar. Volgens experts leidt dat niet direct tot tekorten, maar kan de beperkte voorraad wel voor hogere gasprijzen zorgen.
Europa gebruikte de afgelopen maanden relatief veel gas. De laatste fase van de afgelopen winter was koud, waardoor de vraag langer hoog bleef. Ook in de zomer lag het verbruik hoger dan gebruikelijk, onder meer doordat gascentrales extra elektriciteit produceerden.
De situatie verschilt per land. Italië en Polen liggen op schema om hun opslagdoel te halen. Duitsland en België blijven daarentegen achter bij de gewenste vulling.
Nederland staat er minder gunstig voor. De Nederlandse gasbergingen waren op 29 augustus voor ongeveer 46 procent gevuld. In dezelfde periode van 2023 was dat nog 94 procent. Vorig jaar bedroeg de vulling op dat moment 63 procent.
Gasunie heeft laten weten dat Nederland het vuldoel voor de winter niet meer kan halen. Daardoor begint het land het koude seizoen met een kleinere buffer dan in eerdere jaren. De omvang van die buffer is belangrijk, omdat gasopslagen in de winter worden gebruikt om schommelingen in de vraag op te vangen.
De Europese voorraden zullen de komende weken nog verder worden aangevuld. Hoe hoog het uiteindelijke niveau uitkomt, hangt af van het vultempo en de vraag naar gas voordat het stookseizoen begint.



