In Braunau am Inn opent morgen een nieuw politiebureau in het huis waar Adolf Hitler in 1889 werd geboren. Agenten van de lokale politie en het districtscommando worden in het gerenoveerde gebouw gestationeerd.
De Oostenrijkse autoriteiten willen met de nieuwe functie voorkomen dat het pand een verzamelplaats voor neonazi’s blijft. Volgens het Duitse blad Der Spiegel kwamen er geregeld verstokte nazi’s en neonazi’s. Sommigen poseerden er met hun armen omhoog voor selfies of lieten verboden symbolen achter. Op online stadsplattegronden staat het huis openlijk vermeld als Hitlers geboortehuis.
Ook speelden sommige winkeliers in op het zogenoemde Hitler-toerisme. Zij verkochten onder meer mokken, flessen wijn en bierpullen met afbeeldingen van Hitler.
Slopen afgeraden
Het drie verdiepingen tellende pand bleef na Hitlers dood jarenlang particulier bezit. Oostenrijk onteigende het huis in 2016 via een speciale wet, na een juridische strijd, en compenseerde de eigenaar met ongeveer 800.000 euro. Sindsdien wordt het pand beheerd door het ministerie van Binnenlandse Zaken.
Dat ministerie wilde het huis aanvankelijk slopen. Een commissie raadde dat af, evenals het inrichten van een museum. Daarmee zouden de Oostenrijkse autoriteiten volgens de commissie de geschiedenis van de locatie ontkennen. De commissie adviseerde in plaats daarvan een sociale of administratieve bestemming, bijvoorbeeld voor de belastingdienst of de politie.
Oliver Rathkolb, die destijds lid was van de commissie, had aanvankelijk moeite met het idee om de politie in het gebouw te plaatsen. Toen de nazi’s Oostenrijk binnenvielen, liep de politie namelijk al snel over. Rathkolb ziet de nieuwe bestemming nu als een mogelijkheid voor de politie om te laten zien dat zij de democratie beschermt.
Voor het huis staat al langer een gedenksteen van graniet uit de voormalige concentratiekampgroeve Mauthausen. Daarop staat: “Voor vrede, vrijheid en democratie. Nooit meer fascisme. Miljoenen doden herinneren ons eraan”. De steen is meerdere keren met verf beklad.
De renovatie van het pand kostte ongeveer 20 miljoen euro. Volgens Rathkolb was het belangrijkste doel van de commissie om de mythe rond Hitlers geboorteplaats te doorbreken.



