De Colombiaanse president Abelardo de la Espriella heeft beelden verspreid waarop hij naast vier lichamen in witte lijkzakken staat. De 48-jarige president werd omringd door zwaarbewapende agenten en militairen. Hij zei dat een van de gevaarlijkste criminelen van het land was uitgeschakeld.
De lichamen zouden toebehoren aan Naín Andrés Pérez Toncel, die bekendstond als ‘Bendito Menor’. Hij leidde een gewapende bende in La Guajira, in het noorden van Colombia, en zou daar met geweld de macht hebben gegrepen. De politieoperatie maakte volgens de president een einde aan zijn criminele activiteiten.
“De ijzeren hand van de staat is op hem neergedaald”, zei De la Espriella in de video. Ook noemde hij de actie een voorbeeld van de vrede die Colombia volgens hem nodig heeft: geen vrede die met criminelen wordt uitonderhandeld, maar vrede die met wapens en wetten wordt afgedwongen.
Harde koers tegen gewapende groepen
De la Espriella trad ongeveer een maand geleden aan als president. Hij versloeg in juni de linkse kandidaat Iván Cepeda met 1 procentpunt. Voor zijn politieke carrière werkte hij als strafrechtadvocaat en handelaar in sterke drank en maatpakken.
Zijn voorganger Gustavo Petro zette in op onderhandelingen met guerrillagroepen en drugsbendes. De la Espriella kiest juist voor militaire en politieacties. De nieuwe president had al tijdens zijn campagne een harde aanpak van de gewapende groepen aangekondigd.
Pérez Toncel werd tijdens de regering van Petro door de staat erkend als vredesonderhandelaar namens zijn criminele organisatie. Dat besluit leidde tot grote verontwaardiging, omdat de bendeleider volgens de autoriteiten betrokken bleef bij moordpartijen en gewapende blokkades in het noordoosten van Colombia.
Bij de operatie tegen hem leverden Amerikaanse inlichtingendiensten cruciale informatie. De la Espriella heeft eerder aangekondigd nauw te willen samenwerken met de Amerikaanse president Donald Trump bij de bestrijding van drugshandel.
De manier waarop de president de actie presenteert, leidt ook tot kritiek. Mensenrechtenverdedigers en linkse Colombianen vinden het ongepast dat hij de lichamen gebruikt als onderdeel van zijn veiligheidsbeleid. Cepeda schreef op X dat De la Espriella zich christen noemt, maar “een gewetenloos persoon zonder enige menselijkheid” is.



