Een uitzonderlijk sterke El Niño kan de komende maanden wereldwijd meer dan 450.000 mensen het leven kosten. Het gaat om sterfgevallen door de extra hitte die het natuurverschijnsel veroorzaakt. Overlijdens door overstromingen, bosbranden en andere gevolgen van extreem weer zijn niet in die schatting meegenomen.
Onderzoekers van de Universiteit van Chicago en Climate Impact Lab maakten de berekening op basis van bestaande cijfers over hittest sterfte in meer dan 20.000 regio’s wereldwijd. Zij onderzochten hoeveel extra sterfgevallen kunnen ontstaan door de tijdelijke opwarming tijdens El Niño. De berekeningen lopen tot februari 2027, terwijl de gevolgen mogelijk ook daarna nog enkele maanden merkbaar zijn.
Vooral landen in het mondiale zuiden worden geraakt
Nigeria, Indonesië, Soedan, India en Brazilië behoren naar verwachting tot de zwaarst getroffen landen. De overige landen in de top tien liggen eveneens in het mondiale zuiden. Veel van die landen hebben al beperkte middelen om zich tegen hitte en ander extreem weer te beschermen.
Ook rijke landen krijgen met gevolgen te maken. De Verenigde Staten staan op de negentiende plaats in de ranglijst van landen met de meeste verwachte sterfgevallen. De gevolgen van El Niño zijn naar verwachting het sterkst in september en januari.
Nederland blijft grotendeels buiten de zwaarste effecten. Het voorjaar kan er mogelijk natter uitvallen, maar de gevolgen zijn niet vergelijkbaar met die in veel andere delen van de wereld. Wel heeft Nederland, los van El Niño, al te maken met extra sterfte tijdens hitteperioden als gevolg van klimaatverandering.
Tijdelijke opwarming en extreem weer
El Niño komt gemiddeld eens in de twee tot zeven jaar voor. Het verschijnsel verhoogt de wereldtemperatuur tijdelijk doordat warm oceaanwater zich anders over de Stille Oceaan verspreidt. De gemiddelde temperatuur op land ligt de komende maanden naar verwachting ongeveer 1,2 graden hoger dan normaal. Tegelijkertijd zijn de oceanen uitzonderlijk warm.
De hogere temperaturen vergroten de kans op overstromingen in Peru, bosbranden in Indonesië en langdurige droogte in delen van Afrika en Zuid-Amerika. El Niño versterkt tijdelijk de opwarming die wordt veroorzaakt door de uitstoot van broeikasgassen. Wetenschappers onderzoeken nog in hoeverre klimaatverandering zelf invloed heeft op de frequentie of intensiteit van El Niño.
De onderzoekers noemen de huidige omstandigheden een beeld van temperaturen die door klimaatverandering over ongeveer twintig jaar normaal kunnen worden. Zij wijzen daarom op het belang van maatregelen zoals betere waarschuwingssystemen, hitteplannen en openbare plekken waar mensen verkoeling kunnen zoeken.



