De Turkse president Recep Tayyip Erdogan heeft de recente aanvallen op commerciële schepen in de Zwarte Zee scherp veroordeeld. Hij noemt het onaanvaardbaar dat Rusland en Oekraïne schepen treffen die voor de internationale handel worden gebruikt, ongeacht welke partij achter een aanval zit.
Turkije probeert al langer te bemiddelen in de oorlog tussen Rusland en Oekraïne. Erdogan zei dat zijn land contact houdt met de betrokken partijen om de scheepvaart in de Zwarte Zee te herstellen, de voedselzekerheid te beschermen en te voorkomen dat het conflict zich verder uitbreidt.
„Recente aanvallen op commerciële schepen zijn onaanvaardbaar, ongeacht wie de dader is”, zei Erdogan tijdens zijn toespraak bij de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties. Hij verwees daarmee naar de aanvallen die de afgelopen tijd in en rond de belangrijke handelsroute hebben plaatsgevonden.
Kritiek op Israël
Een groot deel van Erdogans toespraak ging over de oorlog in Gaza. Hij beschuldigde Israël van staatsterreur en noemde Gaza „het meest onmenselijke en beschamende concentratiekamp van onze tijd”. Ook sprak hij over Gaza als „het grootste kinderkerkhof ter wereld”.
De Israëlische delegatie verliet de zaal nadat Erdogan zijn kritiek had uitgesproken. Israël heeft de beschuldigingen van genocide en andere ernstige schendingen herhaaldelijk verworpen.
Erdogan riep daarnaast op tot internationale aandacht voor de gevolgen van het conflict voor de scheepvaart en de voedselvoorziening. De Zwarte Zee is een belangrijke route voor de uitvoer van onder meer graan en andere landbouwproducten. Verstoring van het transport kan daardoor gevolgen hebben voor de voedselzekerheid in meerdere landen.
De Turkse president waarschuwde ook dat de oorlog niet mag uitgroeien tot een breder regionaal conflict. Turkije onderhoudt contacten met zowel Rusland als Oekraïne en heeft zich eerder aangeboden als bemiddelaar bij gesprekken over veiligheid en handel op de Zwarte Zee.


