De Britse regering heeft ingestemd met gasboringen in het Jackdaw-veld, ongeveer 240 kilometer van de Schotse stad Aberdeen. Het besluit moet de energiezekerheid versterken en de gevolgen van hoge en volatiele energieprijzen beperken. Milieuorganisaties verzetten zich tegen de vergunning, omdat nieuwe fossiele winning volgens hen niet verenigbaar is met de klimaatdoelen.
Het gasveld kan volgens de industrie genoeg leveren om 1,4 miljoen huizen te verwarmen. De productie zou ongeveer 6 procent van de Britse gasvraag kunnen dekken en honderden banen in de fossiele industrie ondersteunen. De winning wordt uitgevoerd door Adura, een producent van olie en gas.
Belofte uit 2023
Met het besluit wijkt premier Burnham af van een belofte die Labour in 2023 deed. De partij zei toen dat er geen nieuwe olie- en gasvelden in de Noordzee zouden komen. In plaats daarvan zou Labour investeren in banen in de duurzame energiesector en zich houden aan de internationale klimaatdoelen.
Ook over het Rosebank-olieveld, ongeveer 130 kilometer ten westen van de Shetlandeilanden, moet de regering nog beslissen. Dat project geldt als het grootste onbenutte olieveld van het Verenigd Koninkrijk. Een besluit wordt op korte termijn verwacht.
De vergunningen voor Jackdaw en Rosebank zijn al jaren omstreden. De conservatieve regering gaf beide projecten in 2022 toestemming, maar een rechter vernietigde die besluiten omdat de klimaatgevolgen onvoldoende waren onderzocht. De Britse regering zegt nu dat nieuw milieuonderzoek wel is uitgevoerd en meegewogen.
Greenpeace en andere milieuorganisaties stellen dat nieuwe olie- en gaswinning strijdig is met het Klimaatakkoord van Parijs. Volgens Adura blijft de klimaatschade van de projecten beperkt. Het Verenigd Koninkrijk heeft wettelijk vastgelegd dat het in 2050 klimaatneutraal moet zijn.
Fonds voor duurzame energie
De regering wil de kritiek deels wegnemen door belastinginkomsten uit de gaswinning te gebruiken voor duurzame energie. De Britse minister van Financiën wil een Energy Wealth Fund oprichten, naar voorbeeld van het Noorse staatsfonds. Het Britse fonds begint met 2 miljard pond, ongeveer 2,4 miljard euro, aan overheidsgeld en moet later worden aangevuld met inkomsten uit Jackdaw.
Ongeveer 63 procent van het Britse gas wordt geïmporteerd. Internationale conflicten en het verbod op Russisch gas hebben daardoor rechtstreeks invloed op de Britse energieprijzen. De gasprijs ligt momenteel twee keer zo hoog als een jaar geleden en kan deze winter verder stijgen. De regering zegt daarom dat het land voorlopig nog olie en gas nodig heeft, terwijl het doel van nul uitstoot in 2050 blijft staan.



