Een federaal hof van beroep in Washington heeft de Amerikaanse milieudienst EPA verboden 20 miljard dollar aan eerder uitgekeerde klimaatfinanciering terug te vorderen. Het geld was bestemd voor acht non-profitorganisaties die projecten voor schone energie financieren.
De uitspraak houdt een eerdere rechterlijke maatregel in stand. Daardoor mogen de organisaties opnieuw beschikken over bedragen die al op hun bankrekeningen stonden, terwijl de EPA nog kan besluiten naar het Hooggerechtshof te stappen. De dienst heeft daarvoor zeven dagen.
In februari 2025 lieten EPA-chef Lee Zeldin, de FBI en het ministerie van Financiën Citibank de rekeningen van de organisaties bevriezen. De regering wilde daarmee geld terughalen dat via het Greenhouse Gas Reduction Fund was toegekend.
Geld was al uitgekeerd
Dat fonds werd opgezet met de Inflation Reduction Act en had een omvang van 20 miljard dollar. Het geld moest de ontwikkeling van schone energie stimuleren, onder meer via leningen aan bedrijven en lokale gemeenschappen die minder afhankelijk willen worden van fossiele brandstoffen.
De EPA stelde dat zij de bedragen mocht terughalen omdat de One Big Beautiful Bill Act het wetsdeel had geschrapt waarop het fonds was gebaseerd. De rechters oordeelden echter dat die redenering niet opgaat voor geld dat al definitief was toegekend en op de rekeningen van de organisaties was gestort.
Volgens het hof probeerde de EPA de financiering alleen terug te draaien vanwege een ander beleidsstandpunt. De regering kan niet met een nieuwe wet geld terugnemen dat eerder al rechtmatig is uitgekeerd, staat in de uitspraak.
Organisaties moesten al snijden
De langdurige blokkade had intussen grote gevolgen voor de acht organisaties. Verscheidene instellingen moesten personeel ontslaan of andere uitgaven schrappen omdat zij niet bij hun middelen konden.
Bij Climate United vertrok de directeur in maart en is nog geen opvolger aangesteld. Power Forward Communities heeft nog twee werknemers in dienst. Het is niet duidelijk of de organisaties alle gevolgen van de bevriezing kunnen herstellen als de uitspraak definitief blijft.
De zaak draait om de vraag in hoeverre een nieuwe regering financiering kan intrekken die door het Congres is goedgekeurd en al is uitgekeerd. Een mogelijk beroep bij het Hooggerechtshof kan daar alsnog een uitspraak over opleveren.



