Abdul B. werd voor aanslag in Berlijn gevolgd

De Duitse veiligheidsdiensten hielden Abdul B. tot kort voor de aanslag op een Pride-evenement in Berlijn in de gaten. De 21-jarige werd na de aanslag door agenten doodgeschoten.

Duitse veiligheidsdiensten houden toezicht in Berlijn
Duitse veiligheidsdiensten houden toezicht in Berlijn · Beeld: Netgebeurd (AI-illustratie)

Abdul B. stond onder toezicht van Duitse veiligheidsdiensten toen hij zaterdagavond zijn woning verliet, ongeveer een uur voordat de aanslag op een Pride-evenement in Berlijn werd gepleegd. Bij de aanval kwam een Poolse vrouw om het leven en raakten 29 mensen gewond.

De autoriteiten beschouwen de aanval als een islamistische terreurdaad en houden de 21-jarige B. daarvoor verantwoordelijk. Na een klopjacht schoten agenten hem zondagavond dood.

Sinds zijn vrijlating halverwege mei werd B. gevolgd. Bij de ingang van zijn woning hing een camera, die zaterdagavond vastlegde dat hij naar buiten ging. Ook zijn telefoon en activiteiten op internet werden gemonitord.

Toezicht na tien dagen verminderd

Tien dagen na zijn vrijlating werd het fysieke toezicht op B. teruggebracht. Agenten zagen toen geen signalen dat hij een aanslag voorbereidde. Daarbij speelden ook de beperkte capaciteit van de veiligheidsdienst mee.

Enkele dagen later beoordeelde een antiterrorismeteam B. juist als een hoog risico. Hij kreeg de aanduiding rood, de categorie voor personen bij wie de kans op een aanslag groot wordt geacht. Extra maatregelen bleven uit, omdat de agenten die hem volgden tot een andere inschatting waren gekomen.

De beelden van de camera bij zijn huis werden eens per 24 uur bekeken. Het is niet duidelijk of agenten op de avond van de aanslag direct zagen dat B. zijn woning verliet, of pas later kennisnamen van de opname.

Begin juli volgde al een huiszoeking nadat op camerabeelden een voorwerp was gezien dat op een pistool leek. Het bleek om een speelgoedwapen te gaan.

B. radicaliseerde al op jonge leeftijd en probeerde zich aan te sluiten bij Islamitische Staat. In juli 2025 werd hij in Libanon opgepakt en veroordeeld tot drie maanden cel voor onder meer het aanzetten tot religieuze en sektarische conflicten.

Na zijn vrijlating keerde de in Duitsland geboren B. terug naar Berlijn, waar hij op de luchthaven werd gearresteerd. Het Openbaar Ministerie eiste drie jaar cel voor het voorbereiden van een ernstige geweldsdaad. De rechter legde hem uiteindelijk een voorwaardelijke celstraf van een jaar en tien maanden op. Het OM ging tegen die uitspraak in beroep, dat hij in vrijheid mocht afwachten.

Lees ook