In het Radboudumc in Nijmegen is een beschermde wiegkamer geopend. Het is de eerste kamer van dit type in Gelderland en de elfde in Nederland. De ruimte is bereikbaar via een zij-ingang en is 24 uur per dag toegankelijk.
De kamer is bedoeld voor vrouwen die hun baby niet zelf kunnen verzorgen en geen andere uitweg zien. In de ruimte staan een wiegje en een knuffel. Zodra een baby wordt achtergelaten, wordt het kind binnen enkele minuten opgevangen en medisch onderzocht.
“We hopen dat de kamer zo min mogelijk wordt gebruikt”, zegt Kitty Nusteling, medeoprichter van stichting Beschermde Wieg. Volgens haar is de voorziening echt bedoeld als laatste redmiddel. De stichting heeft ook een hulplijn die dag en nacht bereikbaar is. Naast de vaste kamers bestaat er een mobiele wiegkamer voor vrouwen die niet naar een locatie kunnen reizen.
Opvang en toekomst
Een baby gaat eerst naar een pleeggezin. Na drie maanden wordt bekeken of een adoptieprocedure nodig is of dat de moeder haar kind alsnog zelf wil opvoeden. Dat gebeurt volgens Nusteling zonder oordeel. De stichting maakt niet bekend hoe vaak de kamers worden gebruikt, om de moeders te beschermen.
Jaarlijks zoeken ongeveer 1500 moeders contact met de stichting voor advies. Gemiddeld 17 van hen overwegen afstand te doen van hun baby. Volgens Nusteling komt uiteindelijk twee derde op die beslissing terug, doordat zij op tijd passende hulp krijgen.
Kinderpsychiater Peter Nordin benadrukt dat snelle opvang belangrijk is voor de ontwikkeling van een kind. De eerste duizend dagen zijn volgens hem bepalend voor het vertrouwen in de wereld, andere mensen en zichzelf. Een gevoel van verlatenheid of onveiligheid kan later gevolgen hebben voor vriendschappen, relaties en gezondheid.
Ook Fiom, het expertisecentrum voor ongewenste zwangerschappen, afstammingsvragen en adoptie, noemt een beschermde wiegkamer een laatste redmiddel. De organisatie ziet liever dat vrouwen reguliere hulp krijgen bij de keuzes waarvoor zij staan, maar erkent dat sommige vrouwen anders mogelijk helemaal geen hulp zoeken.
Fiom vindt het belangrijk dat kinderen later informatie over hun afkomst kunnen krijgen. Daarom moeten afstammingsgegevens waar mogelijk zorgvuldig worden geregistreerd en bewaard. De stichting Beschermde Wieg zegt dat anonimiteit voor sommige moeders een voorwaarde is om hulp te zoeken. “Als we hen niet helpen, kan het zijn dat de kindjes het niet overleven”, zegt Nusteling.



