Hof verhoogt straf voor vrouw die Esmee doodreed met vuilniswagen

Het gerechtshof in Den Bosch heeft Lidwina S. veroordeeld tot drie jaar cel, waarvan twee jaar voorwaardelijk, voor het doodrijden van de 14-jarige Esmee in Sint Anthonis. De vrouw krijgt tien jaar toezicht en een rijverbod.

Lidwina S. en een nabestaande van Esmee bij een houten gebouw
Lidwina S. en een nabestaande van Esmee bij een houten gebouw · Beeld: Netgebeurd (AI-illustratie)

Het gerechtshof in Den Bosch heeft Lidwina S. (42) uit Nijmegen een hogere straf opgelegd voor het dodelijke ongeval waarbij de 14-jarige Esmee om het leven kwam. Zij krijgt drie jaar gevangenisstraf, waarvan twee jaar voorwaardelijk. Ook geldt een proeftijd van tien jaar met strenge voorwaarden.

S. mag in die periode niet autorijden en geen alcohol of drugs gebruiken. Zij moet zich laten behandelen en staat onder toezicht van de reclassering. Als zij de voorwaarden overtreedt, kan zij alsnog twee jaar cel moeten uitzitten.

Esmee werd op 19 december 2024 in Sint Anthonis aangereden door een vuilniswagen die door S. werd bestuurd. Het meisje fietste in de richting van een kruising van het Rondveld en de Stevensbeekseweg. S. sloeg rechtsaf, zag de fietsster niet en reed over haar heen.

De bestuurster reed vervolgens door. Zij verklaarde dat zij niet had gemerkt dat zij Esmee had geraakt. De politie hield haar later die ochtend aan.

Drugsgebruik speelde rol

Het hof stelt vast dat S. de avond voor het ongeval amfetamine had gebruikt. Zij stapte de volgende ochtend onder invloed in de vuilniswagen. De rechters vinden haar latere verklaring dat collega's de drugs in haar koffie zouden hebben gedaan niet geloofwaardig.

S. had volgens het hof gedurende honderden meters vrij zicht op Esmee. Dat zij het meisje toch niet zag, brengt het hof in verband met haar drugsgebruik. In de uitspraak staat dat de gevolgen voor de nabestaanden onherstelbaar zijn. "Ze heeft Esmee op gruwelijke wijze het leven ontnomen en haar familie onherstelbaar leed aangedaan. Zij zijn voor het leven getekend."

De rechtbank had eerder twee jaar cel opgelegd, waarvan een jaar voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar. S. heeft het onvoorwaardelijke deel van die straf al uitgezeten. Sinds eind december is zij weer vrij, heeft zij werk en houdt zij zich aan de opgelegde voorwaarden.

Geen tbs met voorwaarden

Het Openbaar Ministerie had in hoger beroep gevraagd om tbs met voorwaarden. Het hof vindt die maatregel niet nodig, omdat de veel langere proeftijd en het toezicht voldoende mogelijkheden bieden om herhaling te voorkomen.

Bij die beslissing weegt mee dat S. een uitgebreid strafblad heeft, met onder meer veroordelingen voor verkeersdelicten, rijden onder invloed en rijden zonder rijbewijs. Eerdere taakstraffen en voorwaardelijke celstraffen hadden haar er niet van weerhouden opnieuw de voorwaarden te overtreden.

Lees ook