De Belastingdienst heeft in 2022 interne signalen genegeerd over bestanden die mogelijk van belang waren voor de parlementaire enquêtecommissie Fraudebeleid en Dienstverlening. Daardoor bleven ruim 19,6 miljoen documenten buiten het zicht van de commissie. Het is niet vastgesteld of dat bewust is gebeurd.
De kwestie heeft geleid tot kritische vragen in de Tweede Kamer. Staatssecretarissen Sandra Palmen van Toeslagen en Eelco Eerenberg van Financiën willen vóór de eerste ministerraad van het nieuwe parlementaire jaar, vrijdag, met antwoorden komen. Ook premier Rob Jetten zal reageren, al is nog niet zeker of dat deze week gebeurt.
Bestanden in een datakluis
De documenten stonden in een afgesloten digitale omgeving die binnen de Belastingdienst bekendstond als de datakluis. Die omgeving was in 2019 ingericht voor gevoelige informatie die niet voldeed aan de regels voor gegevensbescherming, zoals verouderde gegevens van burgers die nog moesten worden gearchiveerd of vernietigd.
Medewerkers konden bestanden uit de datakluis opvragen, maar dat gebeurde alleen in specifieke gevallen. Nadat de Tweede Kamer in 2021 besloot tot een enquête naar de aanpak van vermoedelijke toeslagenfraude, vroegen medewerkers in juni en september 2022 intern of de informatie uit de datakluis wel werd meegenomen. In de beschikbare stukken staat niet dat die vragen zijn beantwoord of dat de zoekmethode daarna is aangepast.
In de digitale omgeving zijn onder meer 318 bestanden aangetroffen in een map met de naam ‘Anti-Fraude Box’. Ook informatie over CAF-onderzoeken, de Fraude Signalering Voorziening, een lijst met vermeende fraudeurs, en het risicoanalysemodel RAM stond in de kluis. Volgens commissievoorzitter Michiel van Nispen is dat ‘ronduit ongelooflijk slecht’.
Daarnaast bleven mogelijk relevante bestanden van ruim duizend medewerkers buiten beeld. Het ging om mailboxen, persoonlijke netwerkschijven en gedeelde computerschijven die in 2020 waren afgeschermd na aangifte van het ministerie van Financiën tegen de eigen Belastingdienst. Die informatie was juist veiliggesteld voor mogelijke onderzoeken naar de totstandkoming van het Toeslagenschandaal.
Extern onderzoek moet duidelijkheid geven
Interne medewerkers concludeerden in november 2025 al dat de Tweede Kamer over het proces moest worden geïnformeerd. Toch gebeurde dat pas in april 2026. Het kabinet stelt daarom een externe commissie in die moet vaststellen welke informatie ten onrechte niet aan de enquêtecommissie is verstrekt. De commissie bestaat uit drie tot vijf deskundigen, begint in oktober en krijgt oud-D66-Kamerlid Senna Maatoug als voorzitter.



