Het Amerikaanse ministerie van Justitie heeft zeker twee mensen aangeklaagd en gearresteerd in een onderzoek naar Noord-Koreaanse IT-medewerkers die zich voordeden als Amerikaanse werknemers. Bij invallen in Texas zijn daarnaast meer dan 180 computers in beslag genomen.
De apparaten stonden in zogenoemde laptopboerderijen: woningen waar computers van Amerikaanse bedrijven werden geplaatst en op afstand door Noord-Koreanen konden worden gebruikt. De autoriteiten doorzochten meer dan 40 van zulke locaties in Texas. De panden waren in bezit van of werden beheerd door ten minste twee Amerikaanse tussenpersonen.
De Noord-Koreaanse medewerkers zouden gestolen identiteiten van Amerikaanse burgers hebben gebruikt om banen te krijgen. Bedrijven stuurden vervolgens hun werkcomputers naar adressen waarvan ze niet wisten dat die bij een netwerk van Noord-Koreaanse agenten hoorden. Op die manier konden de medewerkers vanuit de Verenigde Staten toegang krijgen tot bedrijfsnetwerken en gevoelige informatie stelen.
Bedrijven in zeventien staten getroffen
Volgens de aanklagers zijn zeker 70 Amerikaanse bedrijven geïnfiltreerd. De betrokken organisaties zijn actief in de gezondheidszorg, cyberondersteuning, detailhandel, communicatie en productie. De bedrijven bevinden zich in Ohio en zestien andere staten, waaronder het District of Columbia. De gestolen opbrengst wordt geschat op ongeveer 3 miljoen dollar.
De bedrijven die zijn getroffen, zijn niet openbaar gemaakt. De Noord-Koreanen gebruikten volgens de Amerikaanse autoriteiten onder meer geloofwaardige e-mailadressen, nagemaakte LinkedIn-profielen en uitgebreide online- en socialemedia-accounts om hun identiteit te verhullen.
De FBI waarschuwt dat wereldwijd duizenden door Noord-Korea aangestuurde IT-medewerkers bij westerse bedrijven werken. Zij vormen volgens de opsporingsdienst een risico voor de nationale veiligheid en voor de diefstal van intellectueel eigendom. Amerikaanse facilitators helpen hen onder meer met het ontvangen en beheren van computers en met het uitvoeren van werkzaamheden.
De aanpak via externe IT-medewerkers levert Noord-Korea inkomsten op en biedt toegang tot bedrijfsgegevens. Gestolen informatie kan worden gebruikt voor afpersing, waarbij bedrijven onder druk worden gezet om extra geld te betalen. Het regime haalt daarnaast inkomsten uit onder meer aanvallen op cryptoplatforms en misbruik van open-sourceprojecten.
De opbrengsten worden in verband gebracht met de financiering van het Noord-Koreaanse regime en zijn internationaal verboden kernwapenprogramma. De Amerikaanse autoriteiten hebben de afgelopen jaren vaker arrestaties en aanklachten aangekondigd tegen deze werkwijze.



