AI-bedrijven zetten waarschuwingen over risico's in als marketing

AI-bedrijven waarschuwen geregeld voor de risico's van nieuwe systemen, om ze later alsnog breder beschikbaar te maken. Onderzoekers zeggen dat zulke verhalen aandacht trekken en de technologie aantrekkelijker maken voor klanten en bestuurders van andere bedrijven.

AI-robots met geweren illustreren waarschuwingen voor de risico's van nieuwe kunstmatige intelligentie
AI-robots met geweren illustreren waarschuwingen voor de risico's van nieuwe kunstmatige intelligentie · Beeld: Netgebeurd (AI-illustratie)

AI-bedrijven presenteren nieuwe systemen geregeld als potentieel gevaarlijk, terwijl zij die technologie later toch op de markt brengen. Onderzoekers zien daarin een manier om aandacht te krijgen en producten aantrekkelijker te maken voor klanten en bestuurders van andere bedrijven.

OpenAI waarschuwde begin 2019 bijvoorbeeld voor misbruik van GPT-2, een vroege versie van het AI-programma waarop ChatGPT is gebouwd. Het bedrijf stelde dat het programma gebruikt kon worden voor misleidende nieuwsberichten, oplichting en kwetsende berichten op sociale media. GPT-2 kwam daarom eerst slechts beperkt beschikbaar. Negen maanden later werd het programma alsnog volledig vrijgegeven, al waarschuwde OpenAI nog voor mogelijk gebruik voor racisme of terrorisme.

Ook Anthropic beperkte eerder de toegang tot zijn AI-programma Mythos. Volgens het bedrijf zouden mensen zonder technische kennis ermee kunnen hacken. "De gevolgen voor de economie, de openbare veiligheid en de nationale veiligheid kunnen enorm zijn." Mythos werd daarom naar eigen zeggen alleen beschikbaar gemaakt voor een kleine groep bedrijven en organisaties. Enkele maanden later bracht Anthropic Fable uit, een variant die volgens onderzoeker Hannes Cools "wel veilig is voor algemeen gebruik".

Gevaar als marketingverhaal

Cools, onderzoeker naar taalgebruik rond kunstmatige intelligentie aan de Universiteit van Amsterdam, wijst op de betekenis van de naam Mythos. "Het doet denken aan de Griekse mythologie, alsof het een soort god is. Daardoor denk je al snel dat het heel krachtig of machtig is."

Volgens Cools kon de aandacht voor Mythos ook Fable aantrekkelijker maken. "Door Mythos kreeg Fable ook dezelfde aantrekkingskracht. Uiteindelijk willen ze natuurlijk iets verkopen." Hij waarschuwt dat woorden als 'op hol slaan' de indruk kunnen wekken dat AI zelfstandig handelt, terwijl OpenAI verantwoordelijk blijft voor het gebruik van zijn systeem.

Technologiedeskundige Bert Hubert ziet een terugkerend patroon. "Dit soort bedrijven zegt elke paar maanden: 'Onze technologie is zo gevaarlijk en zo vreselijk, daar moeten we heel voorzichtig mee omgaan.' Dat zorgt elke keer voor bergen met aandacht. Om dan zes weken later te zeggen dat je het daar kan krijgen."

Afgelopen week maakte OpenAI bekend dat het met een van zijn AI-programma's per ongeluk een ander bedrijf had gehackt. Hubert stelt dat het bedrijf die gebeurtenis tegelijk presenteerde als bewijs van de kracht van zijn technologie. "Ze zeggen dat ze iets doms hebben gedaan, maar ook hoe krachtig hun technologie is."

Belang van bedrijven

Andrea Reyes Elizondo, onderzoeker aan het Centrum voor Wetenschaps- en Technologiestudies van de Universiteit Leiden, zegt dat bedrijven met zulke communicatie invloed proberen uit te oefenen op het beeld van AI. "Ze vertellen hun verhaal zo dat mensen denken dat AI goed of eng is. Of in ieder geval veel mogelijkheden heeft."

Volgens haar richten waarschuwingen over banenverlies zich op bestuurders van andere bedrijven. Die kunnen AI dan zien als middel om personeel en kosten te verminderen. Reyes Elizondo adviseert daarom kritisch te kijken naar het belang achter grote uitspraken over de mogelijkheden en gevaren van AI. AI-bedrijven verkopen volgens haar verhalen omdat ze geld willen verdienen.

Lees ook