PSV heeft zich hersteld van het gelijkspel tegen Fortuna Sittard in de eerste speelronde. De landskampioen won zaterdag met 1-2 bij Excelsior en boekte daarmee de eerste zege van het nieuwe eredivisieseizoen.
Trainer Peter Bosz liet Sven Mijnans op de bank beginnen. Ricardo Pepi kreeg de voorkeur als spits, waardoor Guus Til op de nummer tien-positie speelde. Bij PSV maakte Kodai Sano na ruim een uur zijn debuut. De Japanner kwam deze zomer voor ongeveer vijftien miljoen euro over van NEC. Filip Kostic zat nog niet bij de wedstrijdselectie.
PSV begint sterk
PSV nam vanaf het begin het initiatief in Rotterdam. Excelsior had een week eerder nog met 0-4 gewonnen van SC Cambuur, maar kwam tegen de Eindhovenaren moeilijk onder de druk uit.
Na een uitstekende pass van Joey Veerman kreeg Pepi een grote kans. De Amerikaanse aanvaller wist in eerste instantie niet te scoren, maar Ruben van Bommel reageerde alert in de rebound. De linksbuiten maakte daarmee zijn eerste doelpunt sinds zijn terugkeer na een zware knieblessure. Ook voor Van Bommel was het zijn eerste treffer in ongeveer een jaar.
PSV ging met een voorsprong de rust in, maar zag die kort na de hervatting verdwijnen. Excelsior-verdediger Casper Widell was bij een voorzet eerder bij de bal dan de Eindhovense verdedigers en kopte de 1-1 binnen.
De thuisploeg kon slechts kort van de gelijkmaker genieten. Sergiño Dest bediende Pepi, die de bal vervolgens achter doelman Stijn van Gassel tikte. Daarmee zette PSV binnen korte tijd opnieuw een voorsprong neer.
Excelsior houdt het spannend
Na de 1-2 bleef PSV de betere ploeg. De bezoekers kregen meerdere mogelijkheden om de marge te vergroten, maar Van Gassel hield Excelsior in de wedstrijd met enkele reddingen.
Excelsior bleef hard werken en ging de duels vol aan, maar had moeite om langdurig balbezit op te bouwen. Daardoor kwam een krachtig slotoffensief niet van de grond. PSV gaf de voorsprong niet meer uit handen en vertrok met drie punten uit Kralingen.



