De Nederlandse ploeg heeft in Zagreb naast een medaille gegrepen in de teamfinale van de Europese kampioenschappen. Sanne Wevers, Naomi Visser, Sanna Veerman, Floor Slooff en Vera Ubbink kwamen uit op 152,995 punten, goed voor de zesde plaats.
Rusland was met 165,430 punten duidelijk de sterkste ploeg. Het team, dat onder neutrale vlag deelnam nadat Rusland na de inval in Oekraïne was geschorst, bleef Italië en Frankrijk ruim voor. Italië behaalde 161,796 punten en won zilver, Frankrijk werd met 159,263 punten derde.
Rusland maakt favorietenrol waar
De Russische turnsters namen vanaf het begin de leiding en maakten tijdens de finale nauwelijks fouten. Onder aanvoering van Europees meerkampkampioene Angelina Melnikova liep de ploeg steeds verder uit. Rusland veroverde daarmee het eerste Europese landengoud sinds 2018.
Nederland begon sterk dankzij de 15-jarige Ubbink. De debutante turnde een overtuigende oefening op de balk en kreeg daarvoor 13,100 punten. Ze werkte in de finale de volledige meerkamp af en kwam uit op een totaalscore van 50,199 punten.
Slooff liet een goede sprong zien, die haar 13,066 punten opleverde. Visser presteerde op hetzelfde onderdeel nog beter met 14,433 punten. Veerman kwam bij haar sprong onvoldoende hoog en viel bij de landing. Daardoor bleef haar score steken op 12,166 punten.
Veerman herstelde zich vervolgens aan de brug met een oefening die 14,266 punten waard was. Wevers kwam niet in actie. De olympisch kampioene van 2016 kampte met fysieke klachten.
Aan de teamfinale deden naast Nederland en Rusland ook Italië, Spanje, België, Duitsland, Frankrijk en Groot-Brittannië mee. De Nederlandse ploeg krijgt in oktober een nieuwe kans op een groot internationaal podium. Dankzij het optreden in Kroatië mag het team deelnemen aan de wereldkampioenschappen in Rotterdam.



