Supermarktketens werken aan plannen om tijdens een grote stroomuitval of een oorlog toch voedsel en drinken te kunnen verkopen. Het doel is om in iedere regio minstens één supermarkt open te houden. Welke regio’s daarvoor worden aangewezen, is nog niet vastgesteld.
De geselecteerde winkels moeten beter bestand worden gemaakt tegen uitval van elektriciteit. Ze komen mogelijk buiten afgesloten winkelcentra te liggen en moeten onder meer noodaggregaten aanschaffen. Daarmee kunnen de betaalvoorzieningen, kassa’s en andere belangrijke systemen blijven werken.
Winkels zijn nu niet voorbereid
Bij een grote stroomstoring moeten supermarkten op dit moment sluiten. Klanten kunnen dan meestal niet pinnen, terwijl ook koelingen en vriezers uitvallen. De meeste winkels beschikken niet over een noodaggregaat, omdat de stroomvoorziening in Nederland doorgaans betrouwbaar is.
“Stroomstoringen duren nu gemiddeld anderhalf uur”, zegt Ruud Limmen, voorzitter van het Incident Management Team van Albert Heijn. De supermarktketens houden echter rekening met langduriger uitval, bijvoorbeeld door een overstroming, een cyberaanval of een gewapend conflict. Bij een storing die dagen duurt, kan de voedselvoorziening snel onder druk komen te staan.
De voorbereidingen begonnen ongeveer een half jaar geleden, nadat de NAVO Nederland vroeg hoe het land is voorbereid op een zogenoemde artikel 5-situatie. Daarbij wordt een aanval op één NAVO-land beschouwd als een aanval op het hele bondgenootschap. Nederland moet in dat geval niet alleen de eigen bevolking van voedsel voorzien, maar ook vluchtelingen en NAVO-militairen.
Kosten en personeel
De maatregelen brengen aanzienlijke kosten met zich mee. Noodaggregaten moeten worden aangeschaft en onderhouden. Ook zijn mogelijk extra beveiligers nodig, omdat spanningen kunnen oplopen als mensen vrezen voor voedseltekorten. “Het kost heel veel geld om dit allemaal te doen, voor alle zekerheid”, zegt Marc Jansen van het Centraal Bureau Levensmiddelenhandel.
Ook de distributiecentra moeten op langdurige uitval worden voorbereid. Daar werken veel mensen uit Oost-Europa, die bij een conflict mogelijk naar hun eigen land terugkeren om dat te verdedigen. Supermarktketens willen daarom met het ministerie van Sociale Zaken bespreken hoe snel vervangend personeel kan worden gevonden. Zonder voldoende medewerkers kan de bevoorrading van de aangewezen winkels alsnog vastlopen.


