Martin Lorentzon, medeoprichter van muziekstreamingdienst Spotify, overweegt Zweden te verlaten als daar een nieuwe rijkentaks wordt ingevoerd. De Zweedse miljardair zegt dat hij liever in zijn geboorteland blijft, maar dat een vermogensbelasting voor hem een reden zou zijn om direct te vertrekken.
“Ja, absoluut”, antwoordde Lorentzon op de vraag of hij een verhuizing zou overwegen. “Ik blijf liever, maar zo’n belasting betekent dat ik direct moet vertrekken.”
Debat over belasting op vermogen
In Zweden staan verkiezingen voor de deur. Verschillende linkse partijen willen een belasting invoeren voor miljonairs of een afzonderlijke heffing voor de rijkste inwoners. De huidige centrumrechtse regering wijst die plannen nadrukkelijk af.
Lorentzon heeft een geschat vermogen van meer dan 11 miljard dollar. Hij pleit voor een andere aanpak om de belastinginkomsten te verhogen. Volgens de Spotify-medeoprichter zouden politici beter kunnen kijken naar hogere belastingen op dividend, in plaats van naar een heffing op het totale vermogen.
De ondernemer waarschuwt dat een rijkentaks volgens hem schadelijk kan uitpakken voor bedrijven en werkgelegenheid. “Het helpt niemand als ondernemers en banenmakers delen van hun bedrijf moeten verkopen om belasting te betalen”, schreef hij.
Een vermogensbelasting kan ertoe leiden dat eigenaren belasting moeten betalen over de waarde van hun bezittingen, ook als zij niet over voldoende direct beschikbaar geld beschikken. Lorentzon vreest daardoor dat ondernemers aandelen of andere delen van hun bedrijf moeten verkopen. Hij ziet een hogere belasting op uitgekeerde winst als een manier om grote vermogens zwaarder te belasten zonder dat bedrijfsbezit hoeft te worden afgestoten.
Zweden heeft in het verleden al ervaring met een vermogensbelasting. Die werd in 2007 afgeschaft. Het huidige debat speelt zich af tegen de achtergrond van de komende verkiezingen, waarbij de voorstellen van linkse partijen tegenover het afwijzende standpunt van de centrumrechtse regering staan.



