De Nederlandse kolencentrales lijken dit jaar meer elektriciteit te produceren dan in voorgaande jaren. Dat komt door verstoringen in de internationale gaslevering, waardoor energiebedrijven vaker terugvallen op kolen als brandstof.
Het kabinet wil juist zo snel mogelijk stoppen met kolen als energiebron. In de wet is vastgelegd dat alle kolencentrales in Nederland uiterlijk in 2030 moeten sluiten. Die maatregel moet bijdragen aan de klimaatdoelen, omdat bij het verbranden van kolen aanzienlijk meer CO2 vrijkomt dan bij het gebruik van gas.
Afhankelijkheid van gas
De energiepositie van Nederland is de afgelopen jaren veranderd. Sinds de sluiting van het Groningse gasveld is ongeveer twee derde van het Nederlandse gas afkomstig uit het buitenland. De oorlog in Oekraïne leidde eerder al tot een tekort aan Russisch gas, waarna kolencentrales opnieuw meer werden ingezet.
Ook de oorlog in Iran heeft de wereldwijde gasvoorziening verstoord. Daardoor zijn de Nederlandse kolencentrales dit jaar nog intensiever gaan draaien. De ontwikkeling laat zien dat Nederland voorlopig kwetsbaar blijft voor problemen met de aanvoer van buitenlandse energie.
Nederland investeert ondertussen in wind- en zonneparken. Ook kerncentrales worden gezien als een manier om elektriciteit te leveren op momenten dat er weinig wind of zon is. De aanleg van die alternatieven kost echter tijd en kan de bestaande energievoorziening niet onmiddellijk volledig vervangen.
Sluiting in 2030
De verwachting is daarom dat Nederland in 2030 nog niet volledig in zijn eigen energiebehoefte kan voorzien. Wanneer de kolencentrales dan sluiten, moet er voldoende vervangende capaciteit beschikbaar zijn om de elektriciteitsvoorziening betrouwbaar te houden.
Het kabinet staat daarmee voor een afweging tussen klimaatbeleid en leveringszekerheid. Het versnellen van investeringen in windenergie, zonne-energie en kernenergie kan de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen verkleinen, maar voorkomt niet dat kolen voorlopig nog een rol spelen in de stroomvoorziening.


