Het kabinet verlaagt het doel voor de Nederlandse gasvoorraad met 10 procent. De opslag moet aan het begin van de winter niet voor 74 procent, maar voor 64 procent gevuld zijn. Dat komt neer op ongeveer 93 terawattuur (TWh), schrijft minister Stientje van Veldhoven van Klimaat en Groene Groei aan de Tweede Kamer.
Het eerdere doel lag op 115 TWh. Dat niveau zou in oktober of uiterlijk november moeten zijn bereikt. Van Veldhoven verwacht dat de aangepaste doelstelling uiterlijk 1 december wordt gehaald.
Kabinet ziet geen risico voor levering
Volgens het kabinet is een lagere voorraad verantwoord voor de leveringszekerheid. In de afgelopen vijf winters werd gemiddeld ongeveer 70 TWh uit de gasopslagen gebruikt. Ook de Europese Commissie heeft aangegeven dat het lagere doel verantwoord is. De commissie riep eerder al op om de vuldoelen te verlagen, onder meer om de vraag naar gas en daarmee de prijsdruk te beperken.
Het kabinet wil bovendien voorkomen dat de gasprijs op de groothandelsmarkt verder oploopt. De markt staat onder druk door de internationale situatie en de ontwikkelingen in het Midden-Oosten. De regering zegt de leveringszekerheid nauwlettend te blijven volgen.
Energiedeskundige René Peters van TNO noemt de verlaging desondanks zorgelijk. "Je weet niet wat de winter brengt. Als de vulgraad in de winter weer uitkomt op 5 procent, dan zullen de prijzen weer flink gaan stijgen, omdat je dan het gas weer elders vandaan moet halen", zegt hij. Volgens Peters kunnen landen dan tegen elkaar opbieden om gas in te kopen.
Voorraad als reserve
Peters acht de kans klein dat Nederland zonder gas komt te zitten, behalve bij een calamiteit. Hij waarschuwt vooral voor zeer hoge prijzen. Die zijn volgens hem voor Nederland nog te betalen, maar mogelijk niet voor armere landen.
Nederland heeft vier grote gasbergingen. Die vormen een reserve voor een strenge winter of een plotselinge onderbreking van buitenlandse leveringen. Een lagere voorraad betekent niet direct dat er geen gas meer beschikbaar is, maar verkleint wel de buffer bij problemen.
Nederland importeert aardgas en vloeibaar aardgas (lng) onder meer uit Noorwegen en de Verenigde Staten. Handelaren en staatsbedrijf EBN vullen de bergingen. Door de hoge gasprijs kan dat de overheid veel geld kosten. Het kabinet wijst erop dat er verschillende leveringsbronnen beschikbaar zijn: binnenlandse productie, pijpleidingen, lng en gas uit opslag.



