De Europese schuld is hoger dan ooit en zal de komende jaren verder oplopen. Dat staat in het jaarverslag van de Europese Rekenkamer, die toezicht houdt op de inkomsten en uitgaven van de Unie. De schuld kan volgens de instelling stijgen tot 1.000 miljard euro.
Bij de start van de huidige meerjarenbegroting in 2021 bedroeg de EU-schuld 235 miljard euro. De sterke groei komt vooral door het coronaherstelfonds van 750 miljard euro, dat in 2020 werd ingesteld om de economische gevolgen van de pandemie op te vangen. Ook zijn leningen verstrekt vanwege de oplopende werkloosheid, de steun aan Oekraïne en Europese defensie.
De schuld neemt de komende twee jaar verder toe. Er moet nog 122 miljard euro aan leningen uit het herstelfonds worden uitgekeerd. Daarnaast lopen de rentekosten op en is extra geld nodig voor Oekraïne. In het voorstel voor de EU-meerjarenbegroting van 2028 tot en met 2034 staan bovendien nieuwe leningen ter waarde van 650 miljard euro.
De Rekenkamer verwacht dat meer dan 8 procent van de EU-begroting naar rente en aflossingen gaat. „Dat drukt andere uitgaven weg”, zegt Stef Blok, het Nederlandse lid van de Rekenkamer. Volgens hem kunnen lidstaten daardoor ook voor de keuze komen te staan om de begroting te verhogen.
Verdeling van EU-geld blijft achter
Over de nieuwe begroting, die volgens de Europese Commissie 2.000 miljard euro moet bedragen, zijn de lidstaten verdeeld. Nederland en Duitsland willen enkele honderden miljarden euro’s schrappen. Meer dan vijftien andere lidstaten steunen het voorstel of willen juist een groter budget. De regeringsleiders hopen in december een akkoord te bereiken.
Een derde van het geld uit het coronaherstelfonds is nog niet uitgegeven. Nederland loopt daarbij achter op het EU-gemiddelde. Van de 5,4 miljard euro die voor Nederland beschikbaar is, ligt nog meer dan de helft klaar. Van het reguliere EU-budget voor 2021 tot en met 2027 was eind 2025 14,8 procent besteed.
De Rekenkamer noemt het tempo zorgelijk. Als landen EU-geld onder tijdsdruk uitgeven om te voorkomen dat het vervalt, neemt volgens Blok het risico op fouten en fraude toe.
De instelling gaf ook over 2025 voor de zevende keer op rij geen goedkeurende verklaring voor de EU-uitgaven. Het foutenpercentage kwam uit op 3,8 procent, tegenover 3,6 procent een jaar eerder. De Rekenkamer hanteert 2 procent als maximaal aanvaardbaar niveau. De EU gaf in 2025 ruim 175 miljard euro uit.



