Charlotte MacInnes gaat in hoger beroep tegen de uitspraak in haar smaadzaak tegen Rebel Wilson. De rechtbank in Sydney oordeelde eerder deze week dat Wilson zich niet schuldig had gemaakt aan smaad in een reeks berichten op sociale media over haar collega.
Volgens MacInnes heeft de rechter een fout gemaakt bij het beoordelen van de zaak. Haar advocaten hebben een beroepschrift van acht pagina’s ingediend. Daarin leggen zij uit waarom de rechtbank volgens hen tot een onjuiste conclusie is gekomen.
Zaak draait om berichten op sociale media
De zaak draaide om berichten waarin Wilson zou hebben geschreven dat MacInnes een verhaal over seksuele intimidatie door een filmproducent had verzonnen. Volgens de berichten zou MacInnes dat hebben gedaan om haar carrière vooruit te helpen. De rechtbank oordeelde dat de gewraakte berichten niet als smaad konden worden aangemerkt.
MacInnes en Wilson werkten samen aan de film The Deb. Wilson maakte met die productie haar regiedebuut. Het conflict tussen de twee actrices leidde tot de smaadzaak over de onlineberichten.
In het beroepschrift richten de advocaten van MacInnes zich tegen de redenering van de rechtbank. Zij stellen onder meer dat Wilson een valse getuigenis zou hebben afgelegd. Ook beschuldigen zij haar ervan relevante documenten te hebben vernietigd, verborgen of niet op een andere manier te hebben overgelegd.
De advocaten proberen daarmee aan te tonen dat de uitspraak volgens hen niet juist is. Het hoger beroep gaat over het oordeel dat de berichten van Wilson niet smadelijk waren. Daarmee wordt de zaak opnieuw aan een rechter voorgelegd.
De procedure gaat terug op de berichten die Wilson over MacInnes publiceerde tijdens het conflict rond The Deb. De samenwerking aan de film vormt daardoor de achtergrond van het juridische geschil. De rechtbank in Sydney stelde Wilson eerder deze week in het gelijk in de smaadzaak. MacInnes legt zich daar niet bij neer en vraagt in hoger beroep om een nieuwe beoordeling van de uitspraak.



