De Amerikaanse Environmental Protection Agency (EPA) heeft de klimaatregels voor kolen- en gasgestookte elektriciteitscentrales ingetrokken. Het gaat om de zogenoemde Carbon Pollution Standards uit 2024, die centrales verplichtten hun uitstoot van koolstofdioxide sterk terug te dringen.
De regels golden voor bestaande kolencentrales en nieuwe gascentrales. Zij moesten uiterlijk in 2039 90 procent van hun koolstofuitstoot afvangen of sluiten. De maatregel zou de uitstoot tot en met 2047 naar schatting met 1,38 miljard ton verminderen.
De EPA zegt dat het schrappen van de regels bedrijven 370 miljoen dollar aan kosten voor regelgeving bespaart. De dienst heeft niet aangegeven welke gevolgen de beslissing heeft voor de volksgezondheid. In januari liet de EPA al weten gezondheidskosten niet langer mee te rekenen bij berekeningen over de economische gevolgen van milieuregels.
Gevolgen voor gezondheid en klimaat
De eerder ingevoerde normen zouden volgens ramingen van de regering van president Joe Biden in 2035 ongeveer 1.200 sterfgevallen en 360.000 astma-aanvallen voorkomen. Ook zouden de regels de uitstoot hebben verminderd van zwaveldioxide, stikstofoxiden en fijnstof, stoffen die de gezondheid kunnen schaden.
De Human Rights Watch wijst erop dat vooral gemeenschappen in de buurt van industriële installaties te maken hebben met slechtere luchtkwaliteit en gezondheidsproblemen. Kolen- en gascentrales kunnen bijdragen aan gevaarlijke niveaus van luchtvervuiling, met name in gebieden waar al veel industrie aanwezig is.
Naast het intrekken van de regels heeft de EPA voorgesteld om alle resterende eisen voor de uitstoot van broeikasgassen door elektriciteitscentrales te schrappen. De milieudienst stelt daarbij dat deze uitstoot geen invloed heeft op klimaatverandering.
De regering van president Donald Trump trok in 2025 ook de eerdere vaststelling in dat broeikasgassen een gevaar vormen voor de volksgezondheid. Die vaststelling uit 2009 vormde een juridische basis voor federale regels over de uitstoot van broeikasgassen. Met het terugdraaien van die basis wordt het voor de federale overheid moeilijker om klimaatvervuiling door de energiesector te reguleren.



