Bijna driehonderd buitenlanders die na de zware overstromingen in het grensgebied tussen Nepal en China werden vermist, zijn gered. Dat meldt de Nepalese toerismeautoriteit NTB. Volgens een tussentijdse update kan met 591 buitenlanders nog altijd geen contact worden gelegd.
De Nepalese autoriteiten hebben het dodental bijgesteld naar 903. Ook het aantal vermisten is opnieuw verhoogd, naar 4247. In dat cijfer zitten zowel Nepalezen als buitenlanders. Aan Nepalese kant zijn inmiddels zeker 781 lichamen geborgen, maar dat aantal ligt lager dan het totale dodental, omdat reddings- en identificatiewerkzaamheden nog doorgaan.
Zoektocht naar vermisten
Over het lot van drie Nederlanders is nog niets bekend. Een van hen woont in Nepal. Zuid-Korea heeft een gespecialiseerd team naar het dorp Ramche gestuurd, in de buurt van de plek waar negen Zuid-Koreanen vermist raakten. Zij werkten daar aan een waterkrachtproject. De onderzoekers willen drones en een helikopter inzetten en spreken met overlevenden die mogelijk informatie hebben over de vermisten.
Ook aan de Chinese kant van de grens zijn veel mensen vermist. Chinese autoriteiten melden daar zestien doden en 546 vermisten. Eerder werd gemeld dat 261 buitenlanders uit 23 landen aan de Tibetaanse kant van de grens niet konden worden bereikt. De Chinese president Xi Jinping heeft gezegd dat alles wordt gedaan om vermiste personen te vinden.
De omvang van de ramp blijft aan Chinese zijde lastig vast te stellen, omdat het gebied grotendeels ontoegankelijk is. Chinese autoriteiten hebben bovendien tien mensen bestraft vanwege het verspreiden van wat zij misinformatie noemen. Een van hen zou online hebben beweerd dat in China drieduizend mensen waren omgekomen, terwijl de officiële cijfers lager liggen.
In Nepal bemoeilijkt de toestand van veel lichamen de identificatie. Sommige slachtoffers zijn tientallen kilometers door het water meegesleurd en lagen dagen onder modder en water. Omdat mortuaria vol raken en lichamen snel ontbinden, zijn ongeïdentificeerde slachtoffers tijdelijk begraven. Onderzoekers nemen DNA-monsters af, zodat nabestaanden later alsnog duidelijkheid kunnen krijgen.



