Nederland heeft bij de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties in New York voor het eerst sinds 1996 niet vóór een resolutie over het Amerikaanse handelsembargo tegen Cuba gestemd. De Nederlandse regering onthield zich van stemming over de jaarlijkse oproep om het embargo op te heffen.
De koerswijziging volgt op maandenlange Amerikaanse lobby. Daarmee wijkt Nederland af van zijn eerdere positie bij de Verenigde Naties. Tot nu toe steunde het land de resolutie die het Amerikaanse beleid tegenover Cuba veroordeelt en vraagt om beëindiging van de handelsbeperkingen.
Ook Duitsland en Italië stemden niet voor de resolutie. De drie landen behoren tot de Europese landen die hun opstelling in de stemming hebben aangepast. De Europese Unie blijft officieel tegen het Amerikaanse embargo.
EU blijft kritisch op embargo
Het Amerikaanse handelsembargo beperkt de mogelijkheden voor handel met Cuba en vormt al tientallen jaren een belangrijk onderwerp in de betrekkingen tussen Washington en Havana. De Europese Unie stelt dat het embargo negatieve economische en humanitaire gevolgen heeft voor de Cubaanse bevolking.
De jaarlijkse resolutie van de Algemene Vergadering heeft vooral een politiek en diplomatiek karakter. De vergadering kan de Verenigde Staten niet rechtstreeks dwingen het embargo op te heffen. De stemming maakt wel zichtbaar hoeveel steun er internationaal is voor beëindiging van de Amerikaanse maatregelen.
De Nederlandse onthouding betekent dat het kabinet zich bij deze stemming niet langer aansluit bij de gebruikelijke Europese steun voor de resolutie. Tegelijkertijd verandert daarmee niet het officiële EU-standpunt, dat het embargo blijft afwijzen vanwege de gevolgen voor Cuba.
De resolutie wordt elk jaar in de Algemene Vergadering besproken. Nederland stemde sinds 1996 steeds vóór een oproep om het Amerikaanse embargo tegen Cuba op te heffen. Met de onthouding komt aan die vaste lijn een einde.



