Leider Ceuta vraagt EU om hulp na komst van 80.000 migranten

De leider van de Spaanse exclave Ceuta vraagt de Europese Unie om financiële en humanitaire hulp. Volgens Juan Jesús Vivas is de situatie na de komst van 80.000 migranten vanuit Marokko eind juli onhoudbaar geworden.

Migrantenkamp bij de grens tussen Marokko en de Spaanse exclave Ceuta
Migrantenkamp bij de grens tussen Marokko en de Spaanse exclave Ceuta · Beeld: Netgebeurd (AI-illustratie)

De leider van Ceuta, Juan Jesús Vivas, heeft de Europese Unie om hulp gevraagd na de komst van 80.000 migranten vanuit Marokko eind juli. Hij wil geld voor betere grensbewaking en humanitaire hulp voor de mensen die nog in de Spaanse exclave verblijven.

Vivas deed zijn oproep tijdens een persconferentie in het Europees Parlement. Hij omschreef Ceuta als een gebied dat onder grote druk staat en waarschuwde dat de situatie verder kan escaleren. De asielzoekers die nog in Ceuta zijn, moeten volgens hem zo snel mogelijk terugkeren.

Bijzondere positie voor Ceuta en Melilla

Voor de langere termijn vraagt Vivas om een speciale behandeling van Ceuta en de eveneens Spaanse exclave Melilla. Beide gebieden liggen aan de Noord-Afrikaanse kust en vormen de enige landgrenzen van de Europese Unie op het Afrikaanse continent.

Volgens Vivas moet het Europese migratiepact daarom worden aangepast. Hij vindt dat de bijzondere positie van de twee exclaves beter moet worden meegenomen, zodat hun stabiliteit, veiligheid en welvaart kunnen worden beschermd.

De leider van Ceuta zei dat Europa de noodsituatie gezamenlijk moet aanpakken. Hij waarschuwde dat problemen in Ceuta gevolgen kunnen hebben voor Spanje en uiteindelijk voor de hele Europese Unie. Ook riep hij de EU op om Marokko aan te spreken op de gebeurtenissen aan de grens.

Onenigheid over rol van Marokko

Vivas stelt dat de Marokkaanse autoriteiten migranten hebben geholpen om de grens naar Ceuta over te steken. Hij noemt dat een schending van de territoriale integriteit van Spanje en wil dat de Europese Unie daar stevig tegen optreedt.

Over de betrokkenheid van Marokko bestaat echter geen overeenstemming. De Spaanse premier Pedro Sánchez zei eerder dat er geen hard bewijs was dat de Marokkaanse autoriteiten achter de grensoversteek zaten. Daarmee wijkt zijn beoordeling af van die van de leider van Ceuta.

De oproep komt op een moment dat de opvang en huisvesting in Ceuta onder druk staan. Vivas vraagt Brussel niet alleen om steun voor de directe noodhulp, maar ook om maatregelen die moeten voorkomen dat een vergelijkbare toestroom zich opnieuw voordoet.

Lees ook