Landen liggen niet op koers om hun afspraken over natuurbescherming te halen. Dat blijkt uit een rapport van de Verenigde Naties dat wordt besproken tijdens de biodiversiteitstop in de Armeense hoofdstad Yerevan. De bijeenkomst duurt twee weken. Ook de Nederlandse minister Jaimi van Essen van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur is aanwezig.
In 2022 spraken landen in Montreal af dat in 2030 30 procent van het land en de zee beschermd gebied moet zijn. Ook maakten ze 22 andere afspraken om het verlies aan natuur te stoppen en beschadigde ecosystemen te herstellen. Slechts één van de doelen staat volgens de Verenigde Naties op groen: het meenemen van de gevolgen van klimaatverandering voor de natuur.
Geld blijft een groot knelpunt
De bescherming van natuur is volgens deskundigen niet alleen van belang voor dieren en planten. Wilde bijen bestuiven gewassen, natuur draagt bij aan vruchtbare bodems en mangrovebossen beschermen kustgebieden tegen overstromingen. In Nederland vervullen kwelders een vergelijkbare rol.
Christine Wortmann van het Wereld Natuur Fonds is redelijk tevreden over de voortgang bij het aanwijzen van beschermde gebieden. Over ondersteunende maatregelen, zoals het veranderen van consumptiepatronen en het beschikbaar stellen van geld, is zij minder positief.
Ook hoogleraar Liesje Mommer van Wageningen Universiteit noemt financiering het grootste probleem. "Er is afgesproken dat we jaarlijks 200 miljard euro nodig hebben om de natuur en de biodiversiteit te beschermen, maar we zijn nog niet op de helft daarvan", zegt zij.
Landen bespreken in Yerevan ook het afbouwen van subsidies die schadelijk zijn voor de natuur. Nederland publiceerde in mei een overzicht van 102 financiële regelingen met gevolgen voor de biodiversiteit. Minister Van Essen heeft de Tweede Kamer laten weten dat het kabinet vervolgstappen voorbereidt.
Spanningen tussen rijke en opkomende landen
Nederland werkt tijdens de onderhandelingen samen met de Europese Unie. Volgens Wortmann zal de EU zich inzetten om de afspraken uit 2022 voor 2030 uit te voeren.
Dat leidt geregeld tot spanningen met opkomende landen waar veel biodiversiteit voorkomt. Die landen vinden dat rijkere landen meer geld moeten geven voor de bescherming van oerwouden en andere natuurgebieden. Zij wijzen erop dat rijke landen hun ontwikkeling mede konden baseren op het gebruik van natuurlijke hulpbronnen.
De top in Yerevan is de zeventiende internationale bijeenkomst over biodiversiteit. Bijna alle landen spraken in 1992 in Rio de Janeiro al af hun natuur te beschermen. De Verenigde Staten doen sindsdien niet mee aan het biodiversiteitsverdrag.


