Het geweld door Israëlische kolonisten op de bezette Westelijke Jordaanoever breidt zich uit naar gebieden waar de Palestijnse Autoriteit bestuurlijke taken heeft. Dat constateren de Israëlische mensenrechtenorganisatie B'Tselem en de Verenigde Naties, die eerder dit jaar eveneens spraken van uitbreiding van nederzettingenactiviteiten in Palestijns bestuurd gebied.
De Westelijke Jordaanoever werd na de Oslo-akkoorden in de jaren negentig verdeeld in drie zones. In gebied A heeft de Palestijnse Autoriteit zowel bestuur als veiligheidsverantwoordelijkheid, in gebied B verzorgt zij het dagelijks bestuur en houdt Israël de veiligheidscontrole. Gebied C, ongeveer 60 procent van de Westelijke Jordaanoever, staat volledig onder Israëlisch gezag.
De meeste Israëlische kolonisten wonen in gebied C en daar gebeurt ook het grootste deel van de aanvallen. B'Tselem stelt echter dat geweld inmiddels ook voorkomt in gebied B en A. Medewerker Shai Parnes zegt dat Palestijnen in grote delen van gebied C geen toegang meer hebben tot hun land en dat dezelfde werkwijze nu in stedelijkere delen van gebied B wordt toegepast.
Brandstichting en schietpartijen
In Turmus Ayya, een dorp dat grotendeels in gebied B ligt, stichtte een groep kolonisten vorige week brand op grond naast het huis van de broer van inwoner Awad Samra. Hij zegt dat Israëlische militairen en politieagenten naar de brand kwamen, maar niet ingrepen. Ook B'Tselem stelt dat aanvallen geregeld plaatsvinden met medewerking van het Israëlische leger.
Samra zegt dat kolonisten vrijwel dagelijks in en rond het dorp verschijnen. Bewoners hebben ramen met planken afgesloten en prikkeldraad rond woningen aangebracht. Hij vreest dat de aanvallen verder escaleren.
Dit jaar zijn op de Westelijke Jordaanoever 76 Palestijnen gedood, meldt de VN-organisatie OCHA. Zeker dertien van hen werden door kolonisten gedood. Bij een schietpartij afgelopen weekend nabij Nablus kwamen vier Palestijnen en twee Israëliërs om het leven op een locatie in gebied A. Dorpsbewoners zeggen dat gewapende kolonisten het vuur openden, terwijl Israël stelt dat een Palestijnse inwoner eerst een kolonist doodschoot.
Nauwelijks aanklachten
Premier Netanyahu heeft geweld door kolonisten meermaals veroordeeld. Hij beschrijft de daders doorgaans als een beperkte groep extremistische jongeren en sprak deze maand over ongeveer 100 tot 150 jeugddelinquenten van buiten de Westelijke Jordaanoever.
Mensenrechtenorganisaties zeggen dat het om een veel breder verschijnsel gaat. Yesh Din volgde onderzoeken naar geweld door Israëlische burgers tegen Palestijnen tussen 2005 en 2025. Bijna 94 procent daarvan eindigde zonder aanklacht. In 3 procent van de zaken volgde een gedeeltelijke of volledige veroordeling.



