Iran heeft Erfan Esfandiyari en Golmohammad Mohammadi opgehangen wegens hun vermeende rol bij geweld tegen agenten tijdens de protesten van januari. Iraanse staatsmedia melden dat de twee zijn veroordeeld voor het martelen en doden van politieagenten.
De autoriteiten stellen dat Esfandiyari en Mohammadi op 8 januari betrokken waren bij een georganiseerde aanval op agenten in Isfahan. Zij zouden met wapens een politiebureau hebben aangevallen en agenten in brand hebben gestoken.
Aan de rechterlijke macht verbonden platform Mizan zegt dat beelden van de aanval bestaan en dat meerdere aangehouden verdachten voor de camera een bekentenis hebben afgelegd. Mensenrechtenorganisaties stellen dat zulke verklaringen vermoedelijk onder dwang zijn verkregen.
Hard optreden tegen protesten
De protesten tegen het Iraanse regime werden begin dit jaar met grof geweld onderdrukt. Daarbij kwamen vele duizenden demonstranten om het leven en werden duizenden actievoerders en dissidenten vastgezet.
De Iraanse machthebbers omschrijven betogers als relschoppers en verraders. Ook stellen zij dat de Verenigde Staten en Israël de protesten hebben aangewakkerd.
De Amerikaanse president Trump riep Iraniërs in januari op om te blijven demonstreren. Hij dreigde Iran met een aanval als het geweld tegen demonstranten zou doorgaan. Op 28 februari voerden de Verenigde Staten en Israël zware bombardementen uit op Iran, gericht op het nucleaire programma van het land.
Sinds die aanvallen zijn het regime en de Iraanse strijdkrachten verzwakt, maar zij behouden de macht. De repressie tegen de bevolking is de afgelopen jaren toegenomen. Mensenrechtenorganisaties registreerden vorig jaar meer dan 1600 executies in Iran, het hoogste aantal dat zij tot dan toe noteerden.



