Een rechtbank in Honduras heeft de strafzaak tegen oud-president Juan Orlando Hernández beëindigd. De aanklachten hadden betrekking op fraude en witwassen. Volgens de rechtbank was Hernández niet verantwoordelijk voor de begrotingsbeslissingen die centraal stonden in de zaak.
Ook kon volgens de rechters niet worden aangetoond dat geld uit de vermeende verduistering was gebruikt voor Hernández' verkiezingscampagne van 2013. Daarmee kwamen de aanklachten tegen de voormalige president te vervallen.
Straf in Verenigde Staten
Hernández reageerde buiten de rechtbank tegenover zijn aanhangers op de uitspraak. "Natuurlijk hadden we deze uitkomst verwacht, want de zaak rammelde aan alle kanten", zei hij. Volgens de oud-president maakt de uitspraak een einde aan wat hij politieke vervolging noemt.
De 57-jarige Hernández was van 2014 tot 2022 president van Honduras. Na zijn vertrek uit het ambt werd hij uitgeleverd aan de Verenigde Staten, waar hij werd veroordeeld tot 45 jaar gevangenisstraf wegens betrokkenheid bij grootschalige drugshandel.
Negen maanden geleden kreeg Hernández gratie van de Amerikaanse president Donald Trump. Het Hondurese besluit staat los van de Amerikaanse veroordeling en had betrekking op afzonderlijke aanklachten in Honduras.
Hernández heeft zijn betrokkenheid bij de drugshandel ontkend. De Amerikaanse zaak draaide om de beschuldiging dat hij jarenlang had meegewerkt aan de doorvoer van grote hoeveelheden cocaïne naar de Verenigde Staten.



