Doodstraf mag worden geëist tegen verdachte van moord op Charlie Kirk

Een rechter in Utah heeft bepaald dat aanklagers de doodstraf mogen eisen tegen Tyler Robinson. Hij wordt ervan beschuldigd de conservatieve activist Charlie Kirk te hebben doodgeschoten.

Rechtszaal tijdens de hoorzitting over de zaak tegen Tyler Robinson
Rechtszaal tijdens de hoorzitting over de zaak tegen Tyler Robinson · Beeld: Netgebeurd (AI-illustratie)

Een rechter in de Amerikaanse staat Utah heeft bepaald dat aanklagers de doodstraf mogen eisen tegen Tyler Robinson. De 23-jarige man wordt ervan beschuldigd de conservatieve activist Charlie Kirk te hebben doodgeschoten.

De beslissing viel dinsdag tijdens een hoorzitting. Het Openbaar Ministerie stelde daar dat er overweldigend bewijs tegen Robinson ligt. Volgens de aanklagers is dat bewijs voldoende om een zaak te voeren waarin de doodstraf mogelijk wordt.

De uitspraak betekent niet dat Robinson is veroordeeld of dat hij daadwerkelijk ter dood zal worden gebracht. De rechter heeft alleen vastgesteld dat de aanklagers de zwaarst mogelijke straf in de Verenigde Staten mogen nastreven. Een definitieve straf kan pas volgen na een proces en een eventuele veroordeling.

Schietpartij tijdens toespraak

Charlie Kirk werd in september vorig jaar doodgeschoten tijdens een toespraak op de Utah Valley University. Hij was toen 31 jaar oud. Robinson werd een dag later gearresteerd.

Kirk was een invloedrijke conservatieve stem in de Verenigde Staten. Hij steunde de Make America Great Again-beweging van president Donald Trump en stond bekend om zijn optredens en politieke activiteiten onder jonge conservatieven.

De aanklacht tegen Robinson draait om de schietpartij tijdens die bijeenkomst. Uit de beschikbare informatie blijkt niet wanneer het proces begint of welke concrete straf de aanklagers uiteindelijk zullen eisen.

In Utah is de doodstraf wettelijk mogelijk voor de zwaarste misdrijven. De beslissing van de rechter maakt het voor het Openbaar Ministerie mogelijk om die straf in deze zaak formeel te vragen. De verdediging kan tijdens het verdere verloop van de procedure de beschuldigingen en het bewijs aanvechten.

Lees ook