EU breidt blusvloot uit, maar inzet tegen grote branden blijft beperkt

De Europese Unie bestelt twaalf blusvliegtuigen en vijf helikopters om natuurbranden te bestrijden. De toestellen worden naar verwachting pas in 2030 geleverd en zullen volgens de EU niet voldoende zijn bij branden van de huidige omvang.

Medewerker van het Europese rampencentrum volgt natuurbranden via satellietbeelden
Medewerker van het Europese rampencentrum volgt natuurbranden via satellietbeelden · Beeld: Netgebeurd (AI-illustratie)

De Europese Unie wil haar eigen noodvloot voor natuurbranden uitbreiden met twaalf blusvliegtuigen en vijf helikopters. De nieuwe toestellen worden naar verwachting pas in 2030 allemaal geleverd. Ook met die uitbreiding blijft de capaciteit beperkt bij zeer grote en snel uitbreidende branden.

In het Europese Coördinatiecentrum voor Rampenbestrijding in Brussel volgen experts dag en nacht de branden in Europa. Met satellietbeelden maken zij analyses en verwachtingen, die zij delen met de deelnemende landen. Het centrum regelt ook hulp wanneer landen om extra vliegtuigen, helikopters of brandweerlieden vragen.

Frankrijk en Spanje hebben deze maand om Europese bijstand gevraagd. Frankrijk krijgt vliegtuigen uit Portugal en Kroatië, plus helikopters uit Slowakije en Tsjechië. In Spanje helpen vliegtuigen uit Italië, Griekenland en Turkije.

De EU houdt echter een deel van de noodvloot achter. De kans op natuurbranden neemt ook toe in Griekenland en Centraal-Europa. Maria Zuber, hoofd van het Europese rampenteam, zegt dat dit jaar een recordjaar kan worden. Tot dusver is ongeveer evenveel gebied verwoest als rond dezelfde periode vorig jaar, dat al het zwaarste gemeten jaar was.

Noodvloot bestaat uit 22 vliegtuigen

De Europese noodvoorraad telt nu 22 blusvliegtuigen, vijf helikopters en 777 brandweerlieden die lidstaten beschikbaar hebben gesteld. Mensen en materieel zijn ondergebracht in gebieden met een verhoogd risico op natuurbranden. Sinds half juli zijn veertig Nederlandse brandweerlieden actief in Spanje.

Naast de 27 EU-landen doen tien andere landen mee aan het samenwerkingsverband, waaronder Turkije, Oekraïne, Noorwegen en Albanië. Nederland meldde zich in april als eerste land dit natuurbrandenseizoen bij het centrum, toen op meerdere plaatsen branden woedden. Duitsland en Frankrijk boden toen hulp.

Bij zeer omvangrijke branden ligt de nadruk steeds vaker op het beschermen van mensen, woningen en bedrijven. Het vuur kan zich zo snel verspreiden dat het niet volledig te blussen is, ook niet met veel meer vliegtuigen.

Daarom richt het coördinatiecentrum zich ook op het voorkomen van branden. Zuber noemt blusvliegtuigen een laatste redmiddel. Waarschuwingssystemen, bosbeheer, voorlichting tegen brandstichting en het laten begrazen van droog gras moeten de kans op grote branden verkleinen.

Lees ook