Het Duitse Openbaar Ministerie in Dortmund heeft een onderzoek geopend naar een 105-jarige voormalige kampbewaker. De man wordt ervan verdacht gevangenen te hebben vermoord en anderen te hebben geholpen bij moorden. Hij was tijdens de Tweede Wereldoorlog tussen de 20 en 24 jaar oud.
De verdachte zit niet vast. Het is niet bekend hoe zijn gezondheid ervoor staat. Ook is niet gemeld of hij al door justitie is verhoord.
Kamp voor vooral Sovjetgevangenen
De man werkte in Stalag VI-K Senne, dat ook bekendstond als Stalag 326. Dat kamp lag bij Schloss Holte-Stukenbrock in de Duitse deelstaat Noordrijn-Westfalen. Tussen 1941 en 1945 werden daar honderdduizenden krijgsgevangenen vastgehouden, onder wie vooral militairen uit de Sovjet-Unie.
Toen Amerikaanse troepen het kamp in april 1945 bevrijdden, zaten er naar schatting tussen de 180.000 en 200.000 mensen. Veel gevangenen moesten werken in fabrieken en mijnen in de omgeving. Het precieze aantal doden is niet vastgesteld, maar naar schatting kwamen vele duizenden mensen om door geweld, slechte omstandigheden en dwangarbeid.
Duitsland brengt de laatste jaren vaker hoogbejaarde voormalige nazi's voor de rechter. In 2022 werd een 97-jarige man in Itzehoe veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee jaar. Hij werd schuldig bevonden aan ruim 10.000 moorden of medeplichtigheid daaraan.
Ruimere strafrechtelijke verantwoordelijkheid
Een belangrijke uitspraak volgde in 2011. De voormalige kampbewaker John Demjanjuk werd toen, op 91-jarige leeftijd, veroordeeld tot vijf jaar cel voor de moord op meer dan 28.000 mensen in vernietigingskamp Sobibor in Polen. Hij ging in hoger beroep, maar overleed in 2012 in een verzorgingshuis.
Die zaak vormde een nieuw juridisch uitgangspunt. Sindsdien hoeven aanklagers niet meer aan te tonen dat een verdachte persoonlijk een specifieke moord heeft gepleegd. Werken in een nazi-kamp kan voldoende zijn om medeplichtigheid aan de moorden op gevangenen vast te stellen.



