Bij een Russische aanval op Dnipro zijn donderdag zeker veertien mensen omgekomen. Nog eens veertien mensen raakten gewond, onder wie vier ernstig. De aanval trof een treinstation in de Oekraïense stad, meldt gouverneur Oleksandr Ganzha van de regio Dnipro.
De drone sloeg volgens Ganzha in op een perron waar reizigers wachtten om in te stappen. Een elfjarige jongen liep levensgevaarlijke verwondingen op door rondvliegende brokstukken. Een veertigjarige man verloor bij de aanval beide benen.
Zelensky vraagt om meer druk
President Volodymyr Zelensky noemt de aanval verschrikkelijk. Hij zegt dat Rusland de oorlog wil voortzetten en roept bondgenoten op opnieuw meer druk uit te oefenen op Moskou. Volgens Zelensky valt een verband te zien tussen het versoepelen van internationale sancties tegen Rusland en een toename van Russische aanvallen op burgerdoelen in Oekraïne.
De Franse president Emmanuel Macron en de Tsjechische president Petr Pavel hebben hun medeleven betuigd aan de slachtoffers en nabestaanden. Zelensky deelde beelden van de gevolgen van de aanval.
Later op donderdag werd Dnipro opnieuw aangevallen. Daardoor kwamen ongeveer 25.000 huishoudens zonder stroom te zitten. De autoriteiten meldden niet hoeveel schade de tweede aanval heeft veroorzaakt.
Ook andere Oekraïense steden werden getroffen. In Kremenchuk, in centraal Oekraïne, werd volgens Zelensky een appartementencomplex geraakt. Daarbij kwamen drie mensen om het leven.
In de noordelijke stad Chernihiv vielen eveneens doden bij een luchtaanval op een woonwijk. Twee vijftienjarige meisjes kwamen daarbij om. Over het totale aantal gewonden en de omvang van de schade in Chernihiv en Kremenchuk zijn geen verdere gegevens bekendgemaakt.



