Australisch hof buigt zich over gasproject bij oeroude rotskunst

Het Australische hooggerechtshof behandelt deze week een zaak over de verlenging van een groot aardgasproject bij Murujuga. Traditionele bewoners en deskundigen vrezen schade aan Aboriginal rotskunst die deels 50.000 jaar oud is.

Rotsachtig landschap bij Murujuga, waar eeuwenoude Aboriginal rotskunst wordt bedreigd
Rotsachtig landschap bij Murujuga, waar eeuwenoude Aboriginal rotskunst wordt bedreigd · Beeld: Netgebeurd (AI-illustratie)

Het Australische hooggerechtshof in Melbourne behandelt de komende dagen het besluit om een groot aardgasproject in het noordwesten van Australië tot 2070 te laten doorgaan. Tegenstanders vrezen dat uitstoot van de installatie de eeuwenoude Aboriginal rotskunst bij Murujuga aantast.

De minister voor Natuur gaf in september vorig jaar toestemming voor de verlenging en uitbreiding van de gasverwerker van Woodside. Het bedrijf verwerkt daar aardgas tot vloeibaar aardgas voor export. Jaarlijks gaat het om ongeveer 14,3 miljoen ton, vooral bestemd voor Aziatische landen. Ongeveer 15 procent blijft in West-Australië.

De installatie ligt tegenover het rotsgebied van Murujuga, nabij Karratha. De oudste tekeningen daar zijn ongeveer 50.000 jaar oud. Op de rotsen staan onder meer afbeeldingen van kangoeroes, schildpadden, emoes en verdwenen diersoorten zoals de Tasmaanse tijger.

Voor de oorspronkelijke bewoners zijn de afbeeldingen verbonden met de Droomtijd, een belangrijk onderdeel van hun geloof en overlevering. De tekeningen bevatten ook kennis over het gebied, bijvoorbeeld over de vindplaatsen van water en voedsel.

Onderzoeksresultaten betwist

De Mardudhunera-gemeenschap en andere tegenstanders hebben het regeringsbesluit aangevochten. Raelene Cooper, een traditionele bewoner van de Mardudhunera-gemeenschap, zegt dat de tekeningen minder zichtbaar zijn geworden. „Het is onze verantwoordelijkheid om voor onze oeroude kunst en geschiedenis te zorgen.”

De regering liet onderzoek doen naar de gevolgen van de industrie en concludeerde dat de effecten beperkt zijn. Die uitkomst wordt bestreden door Adrian Baddeley, hoogleraar aan de Curtin University. Hij werkte als hoofdstatisticus mee aan het onderzoek.

Baddeley stelt dat de eerste resultaten juist wezen op aantasting door vervuiling. „Hoe dichter bij de industrie de rotsen liggen, hoe brozer ze zijn”, zegt hij. Hij trok zich terug omdat de gepubliceerde uitleg van de onderzoeksresultaten volgens hem niet overeenkwam met de bevindingen.

Ook de Australian Conservation Foundation heeft een procedure aangespannen tegen de goedkeuring. De organisatie stelt dat het project grote schade veroorzaakt aan natuur, klimaat en cultuur. De speciale VN-rapporteur voor het recht op een schoon, gezond en duurzaam milieu heeft Australië erop gewezen dat het land ernstige milieuschade moet voorkomen.

Woodside zegt dat de toestemming na uitvoerige beoordelingen door landelijke en lokale overheden is verleend en binnen de wettelijke regels valt. De uitspraak van het hooggerechtshof wordt later dit jaar verwacht.

Lees ook