In Tirana hebben demonstranten zondag opnieuw overheidsgebouwen en andere eigendommen beschadigd. De betogers kwamen bijeen bij het ministerie van Onderwijs en trokken daarna naar het kantoor van premier Edi Rama. Daar staken zij onder meer stoelen in brand die Rama had laten neerzetten als uitnodiging voor overleg.
De premier kondigde eerder op de dag nieuwe maatregelen aan om het geweld tijdens demonstraties tegen te gaan. Wie deelneemt aan een protest dat gewelddadig wordt, kan een boete krijgen van 500.000 lek, omgerekend ongeveer 5.511 euro. De maatregel geldt ook voor deelnemers die zelf geen gewelddadige handelingen verrichten.
De demonstranten eisen het vertrek van Rama. In een videoboodschap zei hij dat tegenstanders zich vergissen als zij denken dat ze zijn aftreden met geweld of andere middelen kunnen afdwingen. Tegelijk zei hij dat niet alle kritiek en eisen van de demonstranten onjuist zijn.
Woede over overheid en onderwijs
De protesten worden vooral gedragen door studenten. Zij uiten volgens de Albanese autoriteiten en demonstranten zelf hun woede over vermeende corruptie, een gebrek aan banen en de slechte staat van het onderwijs. Vreedzame acties zijn de afgelopen tijd meerdere keren uitgelopen op rellen.
Bij eerdere demonstraties werden overheidsgebouwen in brand gestoken en winkelruiten vernield. Ook gooiden betogers met stoeptegels naar de politie. De onrust speelt niet alleen in Tirana, maar ook in andere Albanese steden.
De recente protestgolf volgt op een reeks vreedzame demonstraties tegen een luxeproject aan de kust. Dat project wordt gesteund door Jared Kushner, de schoonzoon van de Amerikaanse president Donald Trump. De aanhoudende onrust vormt de grootste politieke uitdaging voor Rama sinds hij in 2013 premier werd.



