De vluchtelingenstroom vanuit Soedan naar Oost-Tsjaad is de afgelopen week sterk toegenomen. Dagelijks staken ongeveer vierhonderd mensen de grens over bij de grensgebieden rond Adré en Tiné. Dat aantal ligt twintig keer hoger dan in de voorgaande maanden, meldt de vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties, UNHCR.
De meeste vluchtelingen komen uit Darfur, in het westen van Soedan. Daar zorgt de aanhoudende strijd voor een ernstige veiligheidssituatie. Ook in zuidelijker gelegen staten slaan steeds meer mensen op de vlucht voor lucht- en droneaanvallen.
Sinds het uitbreken van de oorlog in 2023 zijn ongeveer een miljoen Soedanezen naar Oost-Tsjaad gevlucht. Het opvangcentrum in Tiné biedt momenteel onderdak aan 3.400 mensen. Door de nieuwe toestroom komt de opvang volgens de UNHCR zwaar onder druk te staan.
Machtsstrijd houdt aan
In Soedan woedt sinds 2023 een machtsstrijd tussen legerleider Abdel Fattah al-Burhan en Mohamed Hamdan ‘Hemedti’ Dagalo, de leider van de paramilitaire Rapid Support Forces. Het conflict heeft miljoenen mensen op de vlucht gejaagd en een omvangrijke humanitaire crisis veroorzaakt.
De diplomatieke pogingen om de strijd te beëindigen hebben tot nu toe weinig resultaat opgeleverd. De Verenigde Staten, andere landen en de Verenigde Naties hadden een voorstel gedaan voor een wapenstilstand van negentig dagen. Die moest het mogelijk maken om slachtoffers beter toegang te geven tot humanitaire hulp.
Al-Burhan heeft het voorstel afgewezen. Hij wil volgens ingeziene onderhandelingsdocumenten pas instemmen als de Rapid Support Forces zich terugtrekken uit alle steden die de organisatie bezet houdt.
De spanningen tussen al-Burhan en de Verenigde Staten zijn daardoor verder opgelopen. De Amerikaanse regering weigerde de legerleider een visum voor de top van de Verenigde Naties. Dat zou verband houden met zijn afwijzing van het Amerikaanse wapenstilstandsvoorstel.
“Telkens als het erop lijkt dat we op het punt staan vooruitgang te boeken, trekt de ene of de andere partij zich terug omdat ze denken dat ze aan de winnende hand zijn”, zei de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Marco Rubio tijdens de VN-top.
Rubio wees ook op landen die wapens leveren aan de strijdende partijen. Een VN-onderzoeksmissie stelde deze maand dat buitenlandse wapens, militaire technologie, strijders en logistieke netwerken de oorlog in stand houden.



